Boekbesprekingen jaargang 2007
AUTEUR |
TITEL |
|
Hans Laurentius en R. van de Waarsenburg |
De Geest breekt muren af ‘Mindfulness'. In de maalstroom van je leven ‘Boeddha ben je zelf' Bewustzijn, zoek je iets? Terwijl de merel zingt ‘Zomaar verlicht' Goeroes en charisma ‘De diamant in jezelf' Boeddha ben je zelf ‘Een herfstvol satsangs' ‘Beginnersgeluk' Spiritueel Incorrecte Verlichting ‘De mythe van zelf-onderzoek' De tuin van stilte |
Sebastian Painadath
De Geest breekt muren af
Uitgeverij: Carmelitana, Gent, 2004
134 pag., € 18,50, ISBN 90-76671-49-4
Sebastian Painadath is Indiër en stichtte in de geboorteplaats van Shankara een ashram. Voordien had hij, als jezuïet, theologie gestudeerd in Innsbruck . Het vernieuwende van zijn ashram is dat die bezocht wordt door 'zoekende' hindoes, boeddhisten, moslims én christenen. Dit boek is dan ook ontstaan uit een interreligieuze dialoog met mensen uit deze vier grote religies. Als geestelijk begeleider kwam hij tot de conclusie: "Een religie zonder spiritualiteit kan de mensen niet geestelijk transformeren." Spiritualiteit is voor Paidanath de voedende onderstroom van elke religie, een opening naar het mysterie van het bestaan. Hij beschrijft zeer helder hoe in elke spiritualiteit een tweevoudige basisstroming aanwezig is: de profetische stroming, die vooral binnen de drie grote westerse religies tot ontwikkeling kwam, en de mystieke wijsheidsstroming, die vooral in het Oosten tot bloei kwam. Hij toont aan dat, als wij terugkeren naar de voedende mystieke bron in elke vorm van spiritualiteit, alle tegenstellingen wegvallen en de creatieve dialoog tussen Oost en West juist dan zijn vruchten kan gaan afwerpen. Vooral de christelijke religie zou gevoed kunnen worden door de rijkdom van de mystieke wijsheidsbenaderingen.
De lezer zal zich wellicht afvragen: "Wat heb ik daaraan als ik niet rechtstreeks actief ben in de interreligieuze dialoog?" Mijn grootste kritiek betreft dan ook de subtitel van dit boek, die luidt: 'Vernieuwing van ons geloof door de interreligieuze dialoog'. Ik ben bang dat het door veel te weinig mensen gelezen zal worden juist vanwege de misleidende titel en ondertitel. Slechts twee hoofdstukjes van de achttien handelen over de interreligieuze dialoog. De titel van hoofdstuk twee: 'De mysticus tot leven brengen - De profeet wakker maken', zou een veel betere titel voor het hele boek zijn geweest.
Het centrale deel twee handelt in acht hoofdstukjes over ‘Mystiek voor iedereen'. Iedereen op het pad van zelfrealisatie kan hier veel wijsheid vinden uit onze westerse mystieke traditie, vooral over de 'omvorming' ná verlichting. Vele oude christelijke termen en ook gebruiken kunnen herontdekt worden dankzij de verfrissende blik die de schrijver ons erop gunt. Zeer fijnzinnig beschrijft hij de eenheidservaring van advaita, maar hij vermijdt moeilijke woorden die voor christenen niet vertrouwd zijn, zoals ‘non-dualiteit'. Je vraagt je soms af waarom onze eigen mystieke traditie zo verborgen is gebleven voor ons, want die vormt zeker een goede aanvulling op de benaderingen die ‘instant enlightenment' beloven. Painadath heeft de gave om over verheven onderwerpen te schrijven zonder geheimzinnige of mystieke taal te gebruiken. Zijn verwoording blijft steeds helder en goed leesbaar. Als je de moed hebt om door wat ‘oude' christelijke terminologie heen te bijten, is dit verfrissende bad meer dan de moeite waard.
Guy Vandeput
--------------
Edel Maex
‘Mindfulness'. In de maalstroom van je leven
Uitgeverij Lannoo, Tielt, 2006
237 blz., € 17,95, ISBN 90-209-6516-6
Mindfulness, een moeilijk te vertalen term uit het boeddhisme, werd vooral door Thich Nhat Hanh in het Westen geïntroduceerd. De Amerikaanse psychiater Jon Kabat Zin nam de term en de bijbehorende (meditatie)oefeningen over om ze, los van hun boeddhistische context, te gebruiken als therapie voor patiënten die leden aan overmatige angst, stress en chronische pijn. Deze methode werd onderworpen aan gedegen wetenschappelijk onderzoek en is als dusdanig inmiddels aanvaard in de medische wereld. Het boek van Edel Maex is een praktische uitwerking van deze training, met de bedoeling haar voor iedereen toegankelijk te maken, ook buiten de structuur van een groepstraining. Maex is een Antwerpse psychiater en enthousiaste zenbeoefenaar, die eerder al het zeer lezenswaardige boekje ‘Een kleine inleiding in het boeddhisme' schreef (eveneens bij Lannoo uitgegeven).
De mindfulness-training die hij reeds jarenlang aan groepen geeft, neemt acht weken in beslag. Hierna wordt verondersteld dat men de technieken verder in zijn leven integreert. Het boek volgt het verloop van deze training in acht hoofdstukken en bespreekt de thema's die tijdens de training aan bod komen. Ze worden beschreven in korte stukjes van telkens een of twee bladzijden. Het geheel is bedoeld om je ertoe aan te zetten dagelijks wat tijd te besteden aan het leren ‘mindful' te zijn. Lees het boek daarom niet in één ruk uit. Dagelijkse lezing van één kort stukje kan de oefening geleidelijk aan verdiepen. Daarin word je nog geholpen door een audiogedeelte dat vrij te beluisteren of te downloaden is op het internet. Je vindt er drie mp3-bestanden, waarin de auteur o.a. een bodyscan en een zitmeditatie begeleidt. (zie www.lannoo.com of ook www.levenindemaalstroom.be)
Mindful zijn leer je vooral door meditatie. Het gaat dan niet om een toestand van gedachteloze, vredige rust, maar om een soort laboratoriumsituatie van mindfulness waarbij je even volledig stilvalt en alleen maar kijkt naar alles wat in je aandacht komt: de ademhaling, lichaamsgewaarwordingen, gedachten en gevoelens. Milde open aandacht is waar het hier om draait. Open, omdat we gelijke aandacht geven aan zowel het prettige als het onprettige. Het is te vergelijken met navigeren tussen twee klippen: de ene klip is negeren wat er is, doen alsof we het niet zien; de andere klip is erin meegesleept worden, erdoor overspoeld worden. Kortom, niet negeren, maar ook niet reageren. Daarom betreft het ook een milde aandacht: om je onrustige geest, je verdriet, je tekortkomingen, alle dingen die je liever niet zou hebben, met open aandacht onder ogen te zien, heb je veel mildheid en respect nodig. Meditatie gaat in tegen onze neiging om het prettige vast te houden en het onprettige weg te duwen. Pas als je een tijdlang die discipline vasthoudt, merk je dat er een merkwaardig proces van heling op gang komt waaruit vertrouwen groeit in het doorgaande proces van zelfherstel.
Mensen die zen of (non-dualistische) yoga beoefenen zullen dit ongetwijfeld herkennen. Het doet deugd er nog eens op deze heldere, compromisloze manier over te kunnen lezen. Ook de wijze waarop het boek is uitgegeven, met veel ruimte voor zowel tekst als illustraties, is effectief. Het boek vormt ongetwijfeld een welkome hulp voor mensen die mediteren of ermee willen beginnen, of die gewoon bewuster willen gaan leven. Of het de levende stimulans van een groep of leermeester kan vervangen is weer een andere vraag.
Raf Pype
---------------
Gesshin Prabhasa Dharma
‘Boeddha ben je zelf'
Uitgeverij Asoka, 2006
208 blz., € 15,50, ISBN 90-5670-068-5
Gesshin Myoko Prabhasa Dharma groeide op in Frankfurt en emigreerde samen met een Amerikaanse zakenman naar Californië. Geleidelijk groeide bij haar het besef dat het rijke leven met haar echtgenoot niet haar uiteindelijke levensvervulling was. Ze verhuisde naar een nabijgelegen zencentrum en werd door Sasaki Roshi geordineerd tot zen-non. Ze werd de eerste vrouwelijke rinzai-meester in Amerika. Behalve in Californië gaf ze ieder jaar sesshins in Nederland, Duitsland, Spanje en Miami. Gesshin was zeer helder van geest, intelligent, werkte hard en was bijzonder toegewijd, ook toen ze in 1991 geconfronteerd werd met kanker en in 1999 stierf. Dit boek is een publicatie uit haar nalatenschap. Het bevat zes teisho (toespraken die toegespitst zijn op een koan) en acht toespraken. Een van die teisho gaat over de plaats waar hitte noch kou bestaat. Wanneer we ons verzetten tegen datgene wat er is, veroorzaken we spanning, lijden en pijn. Zijn we één met wat er is, dan is er alleen pure ervaring. Dat wil niet zeggen dat er geen ongemak of kou is. Er is alleen maar kou, er is geen ik meer dat die kou ervaart. We moeten de koude niet vermijden, maar er één mee worden. Een andere koan luidt: "Denk noch goed noch kwaad, wat is op dit moment je ware zelf?" Wanneer je leeg bent van voorkeur en afkeer, stroom je gemakkelijk mee met de omstandigheden, zonder keuzes, volkomen helder, stil, leeg en onmetelijk. In een van Gesshins toespraken geeft ze aan dat we onze kennis opzij moeten zetten en leeg en open moeten blijven. Deze natuurlijke staat van bewustzijn wordt de ‘spiegelende geest' genoemd. Wat er ook voor deze spiegelende geest verschijnt, het is zoals het is, en wordt op geen enkele manier door de spiegel veranderd of vervormd. Een andere keer licht ze toe dat er geen conflict is tussen het profane en het sacrale. Ze zijn één. Er bestaat absoluut geen scheiding, er is niets te bereiken en niets te zuiveren. De oorspronkelijke staat van de geest staat boven elke dualiteit van volmaaktheid en onvolmaaktheid. Die oorspronkelijke staat is nu op dit moment aanwezig. Ieder van ons is een Boeddha.
Het boek bevat kalligrafieën en unieke foto's in kleur en zwart-wit. Het is geen introductie tot zen, maar een uitnodiging om door middel van koans dieper door te dringen tot je Ware Zelf. Vooral voor de serieuze beoefenaar die zijn inzicht wil verdiepen, is deze publicatie bijzonder waardevol. Het is een van de betere boeken over rinzai-zen.
Danny Senesael
----------
Bewustzijn, zoek je iets?
Joanika Ring
Uitgeverij Advaita Ring
345 pag., ISBN: 9078307013 (2006)
'Bewustzijn, zoek je iets?' is het eerste boek van Joanika Ring, een van professie beeldend kunstenares uit Brabant. In de bijlage aan het eind van het boek vertelt ze over haar persoonlijk leven, haar ouders en haar gezin. Doordat een van haar kinderen via softdrugs in het geestelijk hulpverlenerscircuit terechtkwam, is Joanika gaan zoeken naar wat de essentie van de menselijke psyche is. Het lezen van psychologische en psychiatrische handboeken was een aanzet om tot het beantwoorden van bekende vragen als: 'Wie ben ik?' en 'Wat is bewustzijn?' te komen. Ze kwam in contact met Advaita Vedanta en met Alexander Smit. Joanika beschouwt Alexander Smit als haar leermeester. Ze vertelt dat op 22 december 1998 de zelfrealisatie zich ontvouwde. Daarna, gestimuleerd door haar omgeving, is ze satsang gaan geven.
'Bewustzijn, zoek je iets?' geeft een directe inkijk in het bewustwordings- en realisatieproces van Joanika Ring. Ze verhult hierbij niets en hanteert een heel andere benadering dan de gebruikelijke Advaita-boeken. Het is geen boek om op een zondagnamiddag in één keer uit te lezen. Joanika dwingt de lezer om de tekst zorgvuldig tot zich te nemen en te verwerken, alvorens hij of zij verder kan met lezen. De gehanteerde stijl is die van het gesprek, de uitleg. Aan de hand van gebeurtenissen uit haar vroegste jeugd tot heden wordt een relatie gelegd met de ware aard van de persoon Joanika, en zo ook met de ware aard van de lezer. Autobiografische fragmenten worden gerelateerd aan verkregen inzicht in de ware aard der dingen. Minutieus wordt de lezer uitgelegd dat die zijn standpunten over de ware aard der verschijnselen moet wijzigen en zijn aandacht dient te verleggen van het waargenomene naar de waarnemendheid.
De met Advaita Vedanta bekende lezer herkent zich in de beschreven mentale processen, waar de ware aard van doorzien moet worden om tot werkelijk inzicht te komen. Begrippen als taal, tijd en ruimte, bewustzijn, dromen en droomloze slaap, kennen en bewustzijn worden uitgebreid behandeld. Uit het boeddhisme bekende leringen als de onderlinge verbondenheid van alle verschijnselen (of anders gezegd: niets staat op zichzelf in de kosmos) worden besproken en gebruikt om de lezer op weg te helpen naar inzicht in zijn ware aard.
'Bewustzijn, zoek je iets?' zou je een meditatieboek kunnen noemen. De kleine hoofdstukjes en alinea´s laten zich prima gebruiken als meditatietekst. Het boek heeft bij de schrijver dezes langdurig op zijn nachtkastje gelegen om avond na avond stukje bij beetje bestudeerd te worden en diep op hem in te werken.
Samenvattend: 'Bewustzijn, zoek je iets?' is een uitstekend studie- en meditatieboek, maar ook een persoonlijke satsang met Joanika Ring.
Peter Post
------------
Hans Laurentius en Richard van de Waarsenburg
Terwijl de merel zingt
175 blz., € 12, ISBN 90-807346-3-2
Te bestellen via www.hanslaurentius.nl
Voor de lezers van dit blad is Hans Laurentius geen onbekende. Dit nieuwe boek over Advaita is een bijzonder boek. De inzichten en ervaringen van Hans tijdens een intensieve sessie in 2005 werden in tekstvorm gegoten. Daarna werden spreuken, gedichten en haiku toegevoegd die ontstaan zijn rondom de bezoeken van Richard (een van zijn leerlingen) aan Hans.
Dit resulteerde in 52 thema's die elk uit vier vormen bestaan: een spreuk, een haiku, een informatieve tekst en een gedicht. Het zorgt voor een mooi en samenhangend geheel. Thema's die aan bod komen zijn onder andere directe kennis, verlichting is niet ..., Zelf, karma, de geest geschikt maken, afstemmen, de denkbeeldige persoon, weten wat we zijn. Elke vorm kan opgevat worden als een meditatie en verwijst naar het Ene. Lees de meditaties niet met het verstand, maar met een lege ontvankelijke geest, fris en onbevooroordeeld. Zo kom je dichter bij de stilte die je al bent.
Elke spreuk is bijzonder krachtig en is als een zwaard dat illusie en onwetendheid doorklieft:
‘Hoe kun je iets zijn dat komt en gaat?', ‘Verhuis je aandacht voortdurend van het denken
naar waar het denken in oprijst', ‘Hoe kan er verzet zijn tegen dat wat alles omvat?'
Lees en herlees dit boek, niet om iets te leren maar, zoals Richard schrijft, om te ontdekken
dat we het Zelf al zijn. De meditaties helpen om dit in te zien. Achter in het boek is een verklarende woordenlijst opgenomen, zodat het boek ook toegankelijk is voor de geïnteresseerde zoeker die niet zo vertrouwd is met radicaal zelfonderzoek. Dit is geen boek om in één ruk uit te lezen, want het bevat een schat aan tijdloze wijsheid. In heldere taal wordt de essentie blootgelegd. Dit is Advaita in zijn meest zuivere vorm. Een aanrader.
Danny Senesael
---------
Stephen Jourdain/Gilles Farcet
‘Zomaar verlicht' - Dialogen over alles & niets
Uitgeverij Samsara, Amsterdam, 2006.
211 pag. - ISBN: 90-77228-47-0
Begin jaren '90 maakte de Franse journalist Gilles Farcet kennis met Stephen Jourdain. Die ontmoeting mondde uit in een vraaggesprek van vele dagen met Jourdain over de aard en essentie van verlichting, de grote fascinatie van Farcet. Het portret dat hij maakte van Jourdain laat een uiterst energieke, kettingrokende man zien die spontaan ontwaakte op zijn zestiende en daarna met de grootst mogelijke moeite heeft getracht dat ontwaken een plaats in zijn leven te geven. Het kostte hem zoveel moeite zijn hoofd boven water te houden dat al zijn tijd opging aan zijn werk als makelaar in Parijs en het onderhouden van zijn gezin. Aanvankelijke pogingen om zijn realisatie aan een groter publiek kenbaar te maken werden nauwelijks opgemerkt.
Farcet vraagt Jourdain het hemd van het lijf, en elke vraag wordt met evenveel enthousiasme beantwoord. Het lijkt alsof Jourdain eindelijk iemand gevonden heeft waar hij zijn verhaal echt aan kwijt kan. Hij vertelt dat hij niet meer in zijn lichaam zit en dat ook zijn geest verdwenen is. Hij betoogt dat het wezen van verlichting onmiddellijk glashelder is voor degene die ontwaakt, en dat die vanaf dat moment meer afweet van de zes miljard mensen die de aarde bevolken dan zijzelf, omdat de aard van de droom die ze aan het dromen zijn dan gekend wordt. Hij zegt overmand te worden door liefde voor wat hij ziet, maar tegelijkertijd niet te weten wat hij er mee aanmoet. Je ziet haast een serene, in het wit geklede meester voor je die zorgvuldig zijn woorden kiest, maar het tegendeel is waar. Trekkend aan zijn zoveelste sigaret zegt hij net zo makkelijk: "Ik heb geen enkel respect voor mijn lichaam, geen enkel respect voor de zes miljard kwetsbare en sterfelijke mensen, voor de arme Chineesjes enzovoorts; ik heb geen enkel respect voor de kosmos, het kan me allemaal gestolen worden! Het enige wat mij als legitiem voorkomt is het aardse landschap waarin ik me nu, op dit moment, bevind. De rest betekent absoluut niets; een opgeklopt verhaaltje van het allerslechtste soort".
Farcet verdeelt zijn dialogen met Jourdain in 26 hoofdstukjes, waarin hij uiteenlopende onderwerpen als reïncarnatie, extase, dood en psychotherapie aan de orde laat komen. Lang niet overal wordt duidelijk wat Jourdain bedoelt, bijvoorbeeld als hij het heeft over "oneindige waarde" of over "de wereld van het ongeborene waarin spirituele kleuren zich hebben gemanifesteerd". En als hij aan het eind van zijn verhaal een pistool tevoorschijn haalt om te illustreren dat verlichting geen spelletje Russisch roulette is, sta je daar inmiddels ook niet meer van te kijken. Want Jourdain gaat er vanuit "dat je God alleen maar kunt bereiken via de zoon, via je eigen menselijkheid".
‘Zomaar verlicht' is een onalledaags boek dat je ideeën over verlichting en de manifestatie daarvan op zijn minst een stukje zal doen kantelen. Alleen daarom is het al de moeite waard om te lezen.
Han van den Boogaard
--------
André van der Braak,
Goeroes en charisma. Het riskante pad van leraar en leerling
Altamira-Becht.
Paperback 200 blz., 14,90 euro, ISBN 90 6963 737 5
Opvallend veel spirituele leraren blijken zich in hun handelen niet te houden aan wat ze aan hun leerlingen voorhouden. Dat hoeft niet zo erg te zijn, maar dat is het wel in de leraar-leerlingrelatie. Zo'n relatie wordt gekenmerkt door een grote intimiteit en een diep vertrouwen. Als dat vertrouwen door de leraar wordt geschonden, ontstaat er in de leerling een groot conflict dat een werkelijk trauma kan worden.
Dit heeft André van der Braak aan den lijve ondervonden. In Enlightenment blues (2003) vertelt hij uitvoerig over zijn elfjarige toewijding aan Andrew Cohen. In zijn nieuwe boek Goeroes en charisma krijgen zijn ervaringen een minder belangrijke plaats, omdat hij hier op een grotere afstand van die periode staat. Nu beschrijft hij zijn conclusies en zijn huidige visie op de leraar-leerlingrelatie. Het eerste deel van het boek bevat een analyse van de relatie van goeroes en hun leerlingen. In het tweede deel worden Socrates, zoals deze in de dialogen van Plato optreedt, en Nietzsche opgevoerd als goeroes. Zij dragen bij aan de visie op een gezonde omgang tussen goeroes en leerlingen, waarover het derde deel van het boek gaat. Inhoudelijk zal ik hier op ingaan, maar maak dan meteen enkele kritische opmerkingen.
Hoewel André van der Braak in deel 1 met enige afstand over de leraar en de leerling schrijft, schrijft hij over zijn eigen ervaringen. De leerling zoekt waarheid, herkent die in iemand die charisma heeft en ‘eros' in hem opwekt, en onderwerpt zich aan deze persoon als leraar. ‘Niet mijn wil, maar uw wil geschiede.' Maar, waarom deze schets van een blinde onderwerping als algemeen beeld van de leraar-leerling-relatie? De meeste ‘leerlingen' zullen zich hierin niet herkennen. Voor degenen die dit wel doen, krijgen door de beschrijvingen een duidelijke waarschuwing.
Socrates (deel 2) inspireert André bij het formuleren van wat een goede leraar is, omdat Socrates geen overgave maar reflectie vraagt. Socrates heeft daarbij toch wel een bepaald doel voor ogen. Hem gaat het om het goede leven vanuit de deugd als voortreffelijkheid. Nietzsche is de tweede filosoof die als goede leraar wordt aangehaald. Hij heeft in allerlei fasen verschillende visies naar voren gebracht, maar in zijn laatste boek spreekt hij van het zich als een leeuw losmaken van de leraar. Als men als een spelend kind zijn lot accepteert blijft toch de eros behouden.
Deze balans van eros en scepsis werkt André in het derde deel verder uit. Er zal een evenwicht moeten zijn tussen de horizontale uitwisseling (leraar als reisgenoot) en verticale uitwisseling (zelfoverstijging), tussen logos (dialectiek en kritiek) en mythos (werking van symbolen, verhalen), tussen idealisering van de leraar en de de-idealisering, kortom: tussen eros en scepsis. Dit zijn belangrijke inzichten. Redelijkheid en gegrepen worden door een perspectief zijn samen onmisbaar op een spiritueel pad.
Ondanks deze waardevolle vaststellingen blijft de bespreking in het boek een te beperkte context houden. Ten eerste blijft het doel van de spirituele weg beperkt tot ‘voortreffelijkheid' (Socrates), ‘het spelende kind' (Nietzsche), een sterker zelfbeeld, kracht (die de leerling eerst aan de leraar ontleent), enzovoort, terwijl het gaat om realisatie van het onuitsprekelijke dat voorbij gaat aan alle beperkingen. De bespreking blijft daarom, ten tweede, vrijwel geheel op het psychologische niveau hangen. Het gaat daarin om mensen die zich moeten kunnen laten inspireren, een evenwicht moeten houden tussen idealisering en de-idealisering, kritisch moeten blijven, enzovoort. Dat is niet slecht, maar een authentieke spirituele weg gaat verder. Daarin is er niet alleen naast eros een rationele scepsis, maar ook het hogere inzicht, een diepgaand weten. Het is een weten van de hoogste, ongeconditioneerde waarheid en die is er al - zij het op vage wijze - vanaf het begin, anders zou men niet het spirituele pad opgaan. Als de leerling teruggaat naar dit eigen weten waarin hij zo eerlijk mogelijk is voor zichzelf, heeft hij een grondslag voor de beoordeling van de authenticiteit van een leraar. In de relatie met een leraar gaat het, ten slotte, maar zeer ten dele om geïnspireerd worden en kracht ontlenen. Het gaat om overgave aan de openheid die eerst in de leraar duidelijk wordt herkend. Die herkenning geeft het diepe weten ‘zo is het' en hieruit vloeit het vertrouwen voort dat nodig is om de overgave aan de openheid mogelijk te maken.
De beschouwingen in het boek blijven dus beperkt, maar kunnen voor degenen die achter een spiritueel leraar aangaan de moeite waard zijn. ‘Het riskante pad van leraar en leerling' is de ondertitel van het boek. De omslag laat een brede weg zien van donkergrauwe steenslag. Het is goed erop te wijzen dat het pad zijn gevaren heeft, maar gelukkig is het niet altijd zo mistroostig.
Douwe Tiemersma
-------
Gangaji
‘De diamant in jezelf'
Uitgeverij Ankh-Hermes bv, Deventer
212 blz., 19,50 euro, ISBN 90-202-8442-8
Gangaji is een Amerikaanse die in 1990 bij Sri Poonjaji in de leer is geweest. Sindsdien heeft ze met haar lezingen en workshops het leven van velen getransformeerd. Dit boek is een bundeling van gesprekken tijdens bijeenkomsten en retraites. Gangaji stelde vast dat de meerderheid van de mensen met wie ze sprak streven naar oprecht geluk en verlost willen zijn van lijden. De oorzaak van al ons lijden is dat we ons niet bewust zijn van onze ware aard. Wanneer we ons onterecht identificeren met een afzonderlijk ego veroorzaakt dit veel ellende en verwarring. Dit boek gaat over het einde van de zoektocht door middel van zelfonderzoek. Zelfonderzoek is niet bedoeld om zaken recht te zetten, maar om te onderzoeken wat de drijvende kracht in je leven is. Door het hele boek heen werpt Gangaji vragen op (bvb "Wie ben ik zonder lichaam, zonder kwalificaties als goed en slecht, zonder gevoelens en zonder gedachten?"of "Wat sterft er wanneer het lichaam sterft?") met als doel de ideeën en overtuigingen die je voor de waarheid hebt gehouden, ten volle te onderzoeken. Zo kan het verhaal van het ego minder en minder macht over je leven uitoefenen. Beetje bij beetje keert je individuele bewustzijn terug naar zijn bron, de zee van bewustzijn. "De diamant" bestaat uit vier delen en vijfenvijftig hoofdstukken. Deel één, "De uitnodiging: ontdekken wie je werkelijk bent", geeft je de kans om de diepere waarheid over jezelf te ontdekken. Deel twee, "Het denken te boven, dieper dan gevoel", gaat in op diverse vormen van identificatie met gedachten en emoties als zouden die realiteit zijn. Het derde deel, "De knoop van het lijden ontwarren", onderzoekt de mechanismen waarmee gedachten en emoties elkaar versterken waardoor verwarring en lijden blijven bestaan. In het laatste deel, "Kiezen voor vrede", wordt de mogelijkheid geboden om vrede te kiezen boven problemen. Deze uitgave is goed opgebouwd en gestructureerd. Elk hoofdstuk is helder, duidelijk en tegelijk haarscherp. Gangaji laat je zien hoe je de stralende diamant die je bent kunt ervaren. Dit boek biedt ongetwijfeld een meerwaarde op het gebied van radicaal zelfonderzoek.
Danny Senesael
----------
Gesshin Myoko Prabhasa Dharma
Boeddha ben je zelf:
Uitgeverij Asoka
205p, isbn: 9056700685 (2006)
Dit boek is een verzameling van toespraken van de Amerikaanse Zen boeddhiste Gesshin Myoko Prabhase Dharma. Geshin was de eerste vrouwelijke zenmeester in de Rinzai traditie in Amerika. Ze overleed in 1999 op 68 jarige leeftijd. Ze bezocht Nederland vanaf 1982 veelvuldig en is de oprichtster van het Zen boeddhistische centrum De Noorderpoort te Wapserveen in Friesland. Daarmee heeft ze daarmee een belangrijke bijdrage geleverd aan de Zen beoefening in Nederland. Haar levensweg is opmerkelijk: Geboren in Duitsland, verhuisd naar Amerika en getrouwd met een steenrijke Amerikaan, besluit ze na het bijwonen van een Zen meditatie bijeenkomst dat hier haar levensvervulling ligt. Ze scheidt van haar echtgenoot en begint de weg van Zen training die haar uiteindelijk brengt tot de titel van zenmeester maar ook haar tot verlichting brengt al gebruikt ze dit woord in het boek niet.
Ze realiseert zich zelf en beschrijft dat op de Zen manier en de weg daar naar toe staat beschreven. In vergelijkingen en beeldspraak omdat het woord de waarheid nooit vangt.
Het boek vangt aan met een inleiding Dharma Udaka Kanromon Jiun Hogen, haar leerling en huidige leider van het centrum de Noorderpoort. Het beschrijft de ontmoetingen van Udaka met Gesshin en beleefde ervaring. Tevens schets het het levensverhaal van Gesshin.
Het boek is daarna in twee grote delen verdeeld.
Allereerst een zes z.g. Teisho's. Een Teisho is de toespraak die de meditatiemeester na een Zen meditatie bijeenkomst kan geven. De toehoorder heeft de Zen meditatie oefening gevolgd en ontvangst in die meditatieve staat onderricht b.v. door behandeling van een koan of een andersoortige instructie van de meester. De lezer maakt dus het einde mee van een dergelijke Zen meditatiebijeenkomst en wordt gedompeld in de kern van het Zen Boeddhisme. De leer van Boeddha wordt verteld en de lezer beleeft mee.
De Teisho's zijn niet chronologisch ingedeeld maar naar de inhoud. Het begint met de uitleg wat de Zen weg inhoudt voor de beoefenaar, via het bespreken van de ware aard aller dingen, naar het aanvaarden van het leven en een fundamenteel inzicht in het leven. Dit alles uitgaande van historische Zengboeddhistische gebeurtenissen en verhalen en van Gesshin's eigen oefening en ondervonden Zen diepte- en hoogtepunten. Elke Teisho hoofdstuk wordt vooraf geïllustreerd door een traditionele gekalligrafeerde tekening van het onderwerp der Teisho.
Het tweede deel van het boek bevat toespraken welke Gesshin hield voor Boeddhistische gezelschappen. De toespraken benadrukken alle dat de enige werkelijkheid die is van het moment NU en nog eens Nu. Dat het daarin kunnen verblijven de sleutel is naar de Satori. Het realiseren van ieders ware aard. In de toespraak: Dualiteit overstijgen, wordt prachtig de kern van de leer beschreven: het ontdoen van alle gehechtheden van de menselijke geest. Ook van de gehechtheid geen gehechtheid meer te hebben en van de illusie dat gehechtheden vermijdbaar zouden kunnen zijn. De ultieme werkelijkheid is de niet-dualistische zuivere geest in zijn vormloze vorm, aldus Gesshin. In de toespraak: Liefde en wijsheid, wordt de lezer voorgehouden hoe het mogelijk is het Koningrijk Gods te betreden. Alles in bevatbare beeldspraak waarmee de lezer ook zelf aan de slag gaat om dit Koningrijk te betreden.
Het boek leest als ware het een 1 op 1 ervaring met de meester zelf. Men ervaart het lezen als een privé onderricht en die manier van weergave maakt het lezen tot een heel bijzondere ervaring.
Een echte aanrader dit boek!
Peter Post
----------
Hans Laurentius
‘Een herfstvol satsangs'
153 blz., € 16,50, ISBN 90-807346-4-0
Te bestellen via Hans Laurentius, zie www.hanslaurentius.nl
Er is een nieuw boek uit van Hans Laurentius. Gedurende de herfst van 2005 zijn wekelijks fragmenten van zijn satsangs op de website 'satsangvandeweek' te lezen geweest. Deze satsangs zijn in dit boek gebundeld en herzien. Elke satsang is onvoorbereid, onvoorspelbaar en ontvouwt zich als een dialoog tussen leerlingen en leraar. Deze dialoogvorm wordt in het boek gehandhaafd. Het is geen discussie of debat, centraal staat het ‘begrijpen'. Eerst met het hoofd, dan met het hart. Het bijzondere aan het leraarschap van Hans is dat hij de creativiteit bezit om op alle mogelijke manieren te reageren. Het kan van streng tot speels gaan, van het alledaagse tot het mystieke, van bloedernstig tot lachwekkend. De reacties zijn er steeds op gericht om de Bron van alles te kennen door het Zelf te zijn. Hans zegt: "Als je de Waarheid het Zelf te zijn, dat je altijd al was en altijd zal zijn, weigert, heb je onderricht nodig. Onderricht moet niet verward worden met de Waarheid. Onderricht wijst de weg, de Waarheid ben je. Onderricht trekt alleen het Ene uit elkaar om dingen helder te maken, om te laten zien dat het één is."
Hans verwijst graag naar de kern van Advaita: "Jij bent het Zelf, vergeet dat niet"; "Eén seconde opgaan in je Zelf doet je meer goed dan wat ook ter wereld"; "Doe voortdurend zelfonderzoek. Verblijf in Ik ben"; "Waarlijk zelfonderzoek is cruciaal."
Alhoewel dit boek over Advaita ondergeschikt is aan het bijwonen van satsang, kan het menige lezer toch helpen het onderricht te begrijpen, waardoor men dichter bij de Waarheid komt. De opzet van dit boek is dan ook zeker geslaagd.
Danny Senesael
---------
Ineke Sperling
‘Beginnersgeluk'
68 blz., € 9,00, ISBN 90-807346-2-4
‘De roep van de roofvogel'
97 blz., € 9,00, ISBN 90-807346-5-4
Te bestellen via Hans Laurentius, zie www.hanslaurentius.nl
‘Beginnersgeluk' is het eerste boekje van Ineke Sperling. In 2002 kwam ze in contact met Hans Laurentius. Ze beschrijft haar ervaringen en inzichten tijdens de eerste drie jaar satsang. Ook de doorwerking daarvan in haar leven komt aan bod. Toen Ineke voor het eerst naar satsang ging, wist ze bijna niets af van Advaita Vedanta. Dit heeft ze achteraf als een groot geluk ervaren. Zo kwam ze er op een open en onbevangen manier mee in contact. Daarom heeft ze haar verhaal ‘Beginnersgeluk' genoemd. Het was voor haar al in het begin duidelijk dat waar Hans over sprak datgene was waar ze naar had gezocht. Het mooie aan dit eerlijke verslag is dat ieder woord doorleefd is. Zo schrijft ze: "Inzicht, iets wordt ineens helder en dringt compleet in alles door. Woorden die al zo vaak gehoord zijn krijgen een diepere betekenis. De ontdekking is dat er meerdere lagen zijn in kennen en weten. Dat ontdekken gaat steeds maar door..." Haar ervaringen en inzichten worden gecombineerd met prachtige zelfgeschreven gedichten.
‘De roep van de roofvogel' is een verslag van de verdere doorwerking van het gerealiseerde.
Er staan natuurfoto's in met een tekst van Erik van Ruysbeek of Felix Timmermans. Citaten, eigen geschreven gedichten en teksten wisselen elkaar af en vormen een samenhangend geheel. Interessant zijn de verlangens en angsten van vijf thema's - dood, eenzaamheid, zingeving, identiteit en vrijheid - in het licht van Advaita. Na het schrijven van ‘Beginnersgeluk' dacht Ineke dat alles duidelijk was, dat er niets meer hoefde. Na een tijdje kwam ze tot het inzicht dat achteroverleunen niet genoeg is. Het gevaar bestaat dan dat je minder open en oplettend wordt. Ze besefte hoe essentieel het is om steeds weer opnieuw helder en open te zijn. Er zijn nog steeds egorestanten en gevoeligheden die gezien moeten worden. Als je dan geen verzet biedt en beschikbaar bent, zal het oplossen. Wanneer je gerealiseerd hebt wat je bent, ben je nog niet klaar. Dan begint het pas. Het kan jaren duren voordat alles is doorgewerkt. De roep van de roofvogel herinnert Ineke eraan om voortdurend open en alert te zijn.
Beide Advaita-boekjes zijn ontroerend, ontwapenend en inspirerend.
Danny Senesael
----------
Ted McKenna
Spiritueel Incorrecte Verlichting
Uitgeverij Samsara, 432 blz., € 23,95
ISBN: 978-90-77228-45-6
In 2002 verscheen in de V.S. ‘Spiritual Enlightenment, The Damnedest Thing' (in Nederland in 2004 door Samsara uitgebracht onder de titel ‘Spirituele Verlichting - vergeet het maar!'), een roman die bijzonder veel stof deed opwaaien. Hij gaf sommigen het idee dat een nieuwe goeroe was opgestaan, anderen raakten in de war, weer anderen werden boos. Het is het verhaal van een spiritueel leraar die dezelfde naam draagt als de schrijver van het boek, en die aan de hand van gesprekken met leerlingen zijn visie op verlichting geeft. Gaandeweg het verhaal schopt hij alle mogelijke heilige huisjes omver om tot de kern, permanent non-dualistisch bewustzijn, door te dringen. Tegelijkertijd geeft hij zijn visie op de rol die een spiritueel leraar moet spelen: "Ik vind dit heel dankbaar werk: aan de kust staan, een vuurbaken laten branden, nieuwkomers aan land helpen, verwelkomen en hen wijzen op een paar bezienswaardigheden." In dat kader verwijst hij, naast teksten van hemzelf, naar Whitman, Roemi, Boeddha, Tsjwang Tse, Ramesh Balsekar en anderen. Meedogenloos breekt hij alle concepten en ideeën die zijn leerlingen koesteren omtrent verlichting en hun eigen identiteit af. "Het enige wat je voor verlichting nodig hebt, is iets of iemand die je helpt het afbraakproces te bevorderen." Over zijn uiteindelijke boodschap is hij kort en duidelijk: "Hier heb je alles wat je moet weten om verlicht te worden: ga zitten, hou je koest en vraag jezelf af wat waar is, net zolang totdat je dat weet."
Na alle commotie rond ‘Vergeet het maar!' was het wachten op een vervolg. Dat verschijnt dit najaar, ook weer bij Samsara, onder de titel ‘Spiritueel Incorrecte Verlichting'. Het boek opent met een brief van een boze lezeres(?) die niet begrijpt hoe iemand zo'n onmenselijk en meedogenloos boek kon schrijven. "Wat u verlichting noemt, noem ik een afschuwelijke nachtmerrie." Hoe afschuwelijk die in feite is, probeert McKenna in dit vervolgboek op verschillende manieren te illustreren.
Op de eerste plaats laat hij een van de leerlingen uit ‘Vergeet het maar!' het proces van ontwaken doormaken en beschrijven met behulp van de ‘spirituele autolyse', een methode waarbij je gevraagd wordt om net zo lang op te schrijven wat er in je omgaat, tot er iets staat dat Waar is. Het maakt het hele proces van verwarring, paniek, strijd met de demonen van de illusie, en langzaam dagend inzicht zichtbaar. Een lolletje is het zeker niet: "Niemand zou hier voor kiezen, niet bewust. Het is een absolute onmogelijkheid. Je hebt gelijk, het is alsof je wordt aangereden door een bus... Dit is geen spiritualiteit. Dit is een emotioneel bloedbad. Hier is niks spiritueels aan."
Daarnaast geeft McKenna een zeer gedetailleerde analyse van ‘Moby Dick', het mysterieuze meesterwerk van Herman Melville. Aan de hand van talloze citaten uit en gesprekken over dit boek, met de mythische zoektocht van kapitein Ahab naar de witte walvis als leidraad, illustreert hij het proces van ontwaken: "Het schrijven van Moby Dick was Melville's proces van Spirituele Autolyse... Het is niet een verslag van zijn reis, het is zijn reis."
Een haast even uitgebreide analyse van de Bhagavad Gita en een veelvoud aan verwijzingen naar Thoreau, Whitman en U.G. Krishnamurti moeten zijn visie bevestigen. Een gewaagde onderneming die voor een deel ten koste gaat van het verhaal, dat nogal wat losse draadjes langs de rode draad heeft hangen. Misschien heeft McKenna wel te veel willen zeggen en uitleggen, en roept hij meer vragen op dan antwoorden. Aan de andere kant is het boek als geheel misschien wel het mooiste voorbeeld van een spirituele autolyse, die van Jed McKenna zelf dus. Zoals hij zelf aangeeft: "Ik was nooit in staat het grote geheel, het patroon te zien waarin alles op zijn plaats viel... Het universum wilde dat er een paar boeken werden geschreven, en al die honderden dialogen vormden het fundament van de kennis en ervaring op basis waarvan ik ze kon schrijven. Mijn hele leven, zag ik nu, was gewoon het proces met behulp waarvan deze boeken tot stand zijn gekomen."
Han van den Boogaard
----------
Jan Kersschot
‘De mythe van zelf-onderzoek'
115 blz., € 10,71 (ook in het Engels verkrijgbaar)
Enkel te koop via internet: www.wwaow.be
Om te beginnen is dit boek prettig compact van formaat. Het beslaat niet meer dan 100 pagina's en past zelfs in mijn achterzak. Ik nam het mee op een wandeling en las het op een bank in het park.
Het thema van het boek is de mythe van de bevrijding. Het is een mythe omdat er slechts bewustzijn is, eenheid, God of Zijnheid. Dit thema wordt uitgewerkt aan de hand van een aantal korte gesprekken over tal van onderwerpen: het lichaam, de ziel, de schaduwzijde, intelligent design versus darwinisme, godslastering, het leven na ontwaken, geloof, religie, ego, controle, hoop en nog meer.
Aan de gesprekken gaat een inleiding van de schrijver vooraf die de lezer die niet bekend is met non-dualisme en advaita op eenvoudige wijze inzicht verschaft in de gevangenismuren van het denken en de illusoire aard ervan.
Het leuke aan Jans boek is dat hij antwoord geeft op vragen die door elke beginnende onderzoeker van advaita of Zijnheid gesteld zouden kunnen zijn - vragen als: "Als ik niet mijn lichaam ben, ben ik dan een ziel die dit lichaam uitgekozen heeft om in te leven?", "Maakt het dan niets uit wat ik eet of hoeveel ik bid? Is dat wat je zegt?" en "Is er dan niets dat we kunnen doen om de wereld te verbeteren?" De antwoorden zijn kort en leiden tot gesprekken die net zo beknopt zijn, zowel in hun vragen als in de antwoorden die gegeven worden.
Het boek heeft een bepaalde frisheid die zijn weerslag vindt in de manier waarop Kersschot verwoordt wat hij te zeggen heeft. Een van zijn gesprekspartners vraagt: "Ben jij zo'n zenmeester die zegt dat de vinger die naar de maan wijst niet de maan zelf is?" Jan antwoordt: "Ik zou eerder zeggen dat ik naar de zon probeer te wijzen in plaats van naar de maan. En de zon staat hier dan voor de enige lichtbron die alle dingen en alle wezens verlicht."
Dit boek met gesprekken is een beknopte en frisse advaita-gids die een groot scala aan wereldse onderwerpen bestrijkt. Hij zal uiterst nuttig blijken voor mensen die voor het eerst kennismaken met advaita, en voor iedereen die nog vragen of twijfels heeft.
Jerry Katz
------
Djihi Marianne
De tuin van stilte. Een bloemlezing over je Zelf
Zwerk Uitgevers, 2007
Gebonden 128 blz., € 15,00, ISBN 978-90-77478-12-7
In dit boek nodigt Djihi Marianne je uit om in de tuin van stilte te komen. Het is een vingerwijzing naar je Zelf en verwijst naar een gebied voorbij woorden, gevoelens
en gedachten, een plaats waar het stil is. In plaats van een oplossing te zoeken of aan te geven,
leert ze je stil te zijn, de pijn te voelen en geduld te beoefenen. Zo kan spontaan helderheid
ontstaan. De boodschap van deze bloemlezing is dan ook: "doe niets en wees stil".
Djihi creëert in haar bijeenkomsten een toestand van ontspannen stilte waarin het hartcontact
van mens tot mens centraal staat. Door de tekst heen proef je die sfeer ten volle. Dit boekje bestaat uit korte stukjes tekst afgewisseld met dialogen. Samen vormen ze een helder en compact geheel. Achterin staat in appendix 1 een aantal belangrijke inzichten over je Zelf.
Appendix 2 bevat een aantal leefsleutels zoals: "accepteer wat is, neem niets persoonlijk, blijf
wakker en zie alles onder ogen...". Dit boekje kan dan ook bij uitstek gebruikt worden om de stilte in jezelf dieper te ervaren en zo dichter bij het Zelf te komen.
Danny Senesael