|
Woord vooraf
De meeste mensen blijken zich tegen het ouder worden en het sterven te verzetten. Dat is normaal in onze maatschappij. Ontzettend veel inspanning en geld worden geïnvesteerd om deze processen te vertragen. Toch gaan deze door. De weerstand en het verzet tegen de verdergaande veroudering en het doodgaan betekenen echter een lijden, een lijden aan de vergankelijkheid, aan het verdwijnen van alles, inclusief jezelf, in de Leegte.
Het noodgedwongen afstand doen van jeugd en leven biedt echter ook een grote kans om op fundamentele wijze het lijden teboven te komen. Juist bij de bedreiging van dat waar men ten diepste aan is gehecht, komen de sterkste banden aan het licht als de oorzaak van het lijden. Deze banden betreffen de diepzittende identificatie met het lichaam, de persoon, het ik. Als je dan ziet dat jeZelf niet in de wereld van die verschijnselen in de derde persoon opgaat, kan er een acceptatie zijn van wat zich aandient en een bevrijding van de banden en van het lijden. In die nieuwe ruimte staat niets vast, alles blijft open, zonder beperkingen van ouder worden en dood.
Verschillende auteurs die in deze aflevering van InZicht aan het woord komen, wijzen op die grote kans op inzicht en bevrijding bij de confrontatie met de aftakeling en het sterven. Zo kan Ram Dass, die veel heeft moeten doormaken, de pijn zien als waardevol voor zijn spirituele oefening en ouderdom als de mogelijkheid bij uitstek om vrij te komen van de banden van de jongere leeftijd, toen hij nog zoveel moest doen. Ook David Lang benadrukt die mogelijkheden. Daarbij neemt hij het sterven niet licht. Het is niet zomaar iets, als je volledig van de wereld verdwijnt, zelfs de herinnering aan je, als je tijdgenoten ook zijn gestorven. Toch laat hij de rijkdom zien, wanneer men nu al afstand doet van de persoon en zich aan het Tijdloze overgeeft. Marcel Messing schildert de situatie in onze samenleving, waarin men jong en snel wil blijven en ouderdom maar dom vindt. De sociale normen werken sterk, met het gevolg dat ouderen snel worden afgeschreven, terwijl juist in de ouderdom zoveel wijsheid is te vinden. Wolter Keers laat eerst zien dat de begrippen leven en dood afhankelijk zijn van de zienswijze. Blijft er na het sterven niet een levendigheid van de atomen over? In het Bewustzijn is er geen dood; maar het Leven. Het stuk van Jean Klein bevat vele thema's, maar ook hij laat zien dat het sterven een danken kan zijn, als de identificatie met het lichaam wordt doorbroken. Daarbij verwijst hij naar de klassieke vraag van de advaita vedanta: wie ben ik? Voor Douglas Harding krijg ik steeds meer respect, ook door de tekst die hier is opgenomen. Het belangrijkste wat hij te zeggen heeft is zijn steeds terugkerend onderscheid tussen dat wat je dààr ziet, dat vergaat, en dit hier, van waaruit je ziet en dat niet vergaat. Dit ben je en is het Ene. Als de beelden van jezelf hiernaar toe haalt, verdwijnen ze. Dit Ene is niet in de tijd, maar de tijd is in dit Ene. De tekst van Alexander Smit belicht een ander aspect: wat doe je als iemand in je buurt een geliefde heeft verloren? Hij laat zien dat troosten geen zin heeft en zelfs averechts werkt. De mogelijkheid om helderheid te krijgen moet niet toegedekt worden door mooie woorden. Het onderwerp ouder worden en sterven zult u, ten slotte, op verschillende andere plaatsen nog tegenkomen, onder andere in de rubriek 'Teksten van lezers', waarin Kees Boukema de 'Drie geschenken voor de oude dag' van Eliot presenteert.
Een heel andere thematiek komt aan de orde in de bijdrage van Otto Duintjer. Hij heeft, naast allerlei punten van herkenning, ook bedenkingen bij de advaita vedanta. Het zijn gedeeltelijk reële gevaren en gedeeltelijk onjuiste meningen, zo stelt Justus Kramer Schippers in zijn reactie. De discussie over aspecten van de advaita-benadering is daarmee niet afgesloten. Omdat deze kritische discussie waardevol is voor helderheid omtrent deze benadering, zal deze ook in InZicht wel doorgaan. Dus, als u zich in de discussie wilt mengen, stelt de redactie dat op prijs. Ook voorstellen voor bijdragen aan het volgende nummer met als thema 'Nisargadatta Maharaj' zijn welkom.
Douwe Tiemersma
|
|
Ouder worden
Ram Dass
De beelden die onze cultuur laat zien, zijn gemaakt om je het gevoel te geven dat ouder worden een soort mislukking is, dat God op de een of andere manier een enorme fout heeft gemaakt. Als God net zo slim was als de commercials, zouden mensen altijd jong zijn, maar omdat God dat nu eenmaal niet is, kunnen alleen de wonderen van wetenschap en handel ons redden. Zie je hoe bizar deze veronderstelling is, en hoeveel pijn ze creëert? Door ons steeds wanhopiger te verzetten tegen een onverbiddelijk proces, de kraaienpootjes, zwangerschapsstrepen en corpulentie, worden we voor twee even wanhopige keuzen gesteld: afzuigen, opspuiten, faceliften, lijnen en onze spieren oefenen om een jeugdig uiterlijk te behouden, of berusten in de droeve nederlaag en ons voelen als mislukkelingen, buitenstaanders, slachtoffers of dwazen.
[Ram Dass (Richard Alpert) is het meest bekend van zijn boek uit de jaren-'70 'Be here now'. Nu hij zelf en zijn leeftijdgenoten tot de ouderen gaan behoren, richt hij zich vooral op het proces van ouder worden, dat velen als een lijden ervaren. Ook na een zware beroerte blijft hij wijzen op de spirituele mogelijkheden die juist ouderen
hebben.]
De Heuvel
David Lang
Ik zag onlangs een cartoon waarin een vrouw tegen haar vriend zegt: "Jo, ik denk dat ik depressief ben, omdat ik dichter en dichter bij de veertig kom." Waarop Jo antwoordt: "Bekijk het langs de mooie kant, Wendy. Binnen enkele jaren ga je verder en verder van de veertig weg." Ik weet waarover Wendy het heeft, want de laatste tien jaar voel ik een groeiende weerstand tegen het ouder worden. Mijn idee over wanneer precies de middelbare leeftijd begint, wordt ieder jaar wat aangepast. Als ik in de spiegel kijk, ben ik meer en meer op mijn hoede. En ik begin te denken dat ik met een kalend hoofd geboren ben. Nochtans wordt het duidelijk dat ik zowel mijn argumenten als mijn haar aan het verliezen ben. …
[David Lang is hoogleraar Engels aan de Golden Gate University in San Francisco. Hij begeleidt regelmatig workshops over de 'hoofdloze weg'. Samen met zijn tweelingbroer Richard Lang (zie InZicht 1 nr. 1 en 2 nr. 1) was hij een van de eerste leerlingen van Douglas Harding.]
Ouder-dom?
Marcel Messing
De bijdrage van Marcel Messing, die een aantal boeken over mystiek, spiritualiteit en esoterie schreef, beschrijft de negatieve visie die er bestaat in onze maatschappij op het ouder worden, waardoor wijsheid verloren gaat. Deze wijsheid betreft vooral de kennis dat we onvergankelijk Bewustzijn zijn.
Vol trots stond hij voor me. De lippen tot een glimlach opgetrokken, vragend om een bevestiging. Zijn Salvador Dali-snor had een complete metamorfose ondergaan. Ik vroeg hem plagend of hij misschien overgeschakeld was naar vegetarisch eten of dagelijks verse graankiemen at, zodat het proces van vergrijzing gestopt was en de zwarte haren van zijn jeugd op wonderbaarlijke wijze waren teruggekeerd. Maar niet alleen zijn snor had een metamorfose ondergaan, ook zijn hoofdhaar. (….) 'La jeunesse, c'est moi!' 'De jeugd, dat ben ik!' zei hij opgetogen toen het werk gedaan was en schudde lichtjes met zijn schouders, die wat macho-achtig door zijn nieuwe kleurige jasje staken. 'Maar zo jong ben je toch ook niet meer,' zei ik plagend. 'Maar nu vóél ik me jong!' zei hij en streek met zijn vingers met kortgeknipte nagels door zijn zwarte haren. 'Mon pauvre Michel,' zei ik met een wat meewarige glimlach. 'Waarom toch zo bang om ouder te worden?' 'Marcel, pas la philosophie maintenant!' 'Nu niet filosoferen Marcel!' …
|
Troost niemand
Alexander Smit
Als iemand dood gaat, wil iedereen meteen de ontredderde nabestaanden troosten. Maar waarom zou je eigenlijk troosten, waarom zou je iets zeggen? Waarom zou je eigenlijk huilen? Waarom heb je verdriet? Omdat je iemand mist? Omdat je van hen hield? Nee, omdat je zelf bang bent om dood te gaan. De dood confronteert jou met je eigen dood. Dat troosten is vals, het is een schijnwereld in stand houden
Het grote vergeten
Jean Klein
Vanuit een non-dualistische benadering verwijst Jean Klein naar de eeuwige Achtergrond waarin geboorte en dood, waken en slapen, verleden en toekomst verschijnen en verdwijnen. Zo komt hij bij de ware de betekenis van dood en van sterven. Hij toont aan hoe we dit sterven reeds nu kunnen voorbereiden of hoe we iemand kunnen helpen bij stervensbegeleiding. Ook vragen als lichamelijke pijn, angst, kunstmatige levensverlenging of voortijdige levensbeëindiging komen aan bod.
Het hele vraagstuk van de dood steunt op de hypothese dat wij geboren zijn en dat deze persoon of dit iets dat geboren is, zal eindigen in de dood. De eerste stap is dan ook de vraag: wie of wat wordt geboren en moet dan sterven? Het idee van geboren worden is niets meer dan een idee. Het is tweedehandse informatie komende van onze moeder. Als we ons de vraag stellen: "Weet ik echt of IK geboren ben?" en we deze vraag grondig bekijken, zien we dat een voorstelling inderdaad geboren wordt en sterft, maar we kunnen niet beweren: "IK ben geboren". Bij elk authentiek onderzoek is het van wezenlijk belang om zich te bevrijden van alle tweedehandse informatie, van het zogenaamde 'gezond verstand'. Als we vragen gaan stellen over de vraag, ontdekken we dat we vragen moeten gaan stellen over de vraagsteller zelf. Dit is het begin van het zelfonderzoek. Als we alle tweedehandse informatie laten vallen, staan we oog in oog met de feiten zoals ze zijn en dit zijn veeleer waarnemingen dan begrippen. Als we alle dromerijen, hypotheses en gevestigde waarheden weglaten, zitten we in het hart van het probleem: waarom praten over de dood vooraleer te weten wat het leven is? Hoe kunnen we zelfs maar beginnen met het spreken over de dood als we niet eens weten wat het leven is? Laat ons dus eerst spreken over het leven.
[In de jaren '70 gaven Jean Klein en Wolter Keers als eersten in Nederland advaita-onderricht. Jean Klein kwam uit de traditie van het Kashmir shaivisme, waarin ook de energetische kant van het Universele een duidelijke plaats heeft. Daarom gaf hij destijds ook lichamelijk-energetische oefeningen gericht op de non-dualiteit. Hij overleed in februari 1998.]
Bedenkingen bij de Advaita Vedânta
Otto Duintjer, Justus Kramer Schippers, Douwe Tiemersma
Op het Advaita Symposium op 18 september 2000 aan de Erasmus Universiteit Rotterdam hield Otto Duintjer een lezing, waarin hij waardering liet blijken voor, maar ook kritiek gaf op aspecten van de advaita-benadering. Een deel ervan is hier opgenomen. Justus Kramer Schippers gaf een reactie op deze tekst, omdat hij Duintjers visie te eenzijdig vindt. Een naschrift van Douwe Tiemersma besluit voorlopig de discussie.
De drie belangrijkste bedenkingen die door O. Duintjer geformuleerd worden en waarop J. Kramer Schippers een antwoord geeft, zijn:
Ten eerste: het nogal gauw leraar kunnen worden, waarbij aan de 'verlichte staat' van zo'n leraar een volstrekt gezag wordt ontleend, en de risico's die dat met zich brengt.
Ten tweede: de nadruk die vaak gelegd wordt op dat 'verlicht' raken als doel op zichzelf, als einddoel van het spirituele leerproces.
Ten derde: een neiging tot geringschatting van dit tijdelijke leven, van ons aardse en lijfelijke bestaan, en van de verantwoordelijkheden die daarmee gepaard gaan.
|
De dood
Douglas Harding
Als ik sterf, houd ik dan op te bestaan?
Hier waar jij bent, tenminste Hier waar Ik ben, is dat wat niet kan sterven, omdat er niets is om te sterven. Maar jij vraagt: 'Wat gebeurt er als Douglas sterft? Is dat niet gewoon totale vernietiging?' We moeten naar de kwestie van de tijd kijken. Wat betekent een hiernamaals dat altijd maar verder en verder doorgaat, met of zonder Douglas? Ik begrijp niet wat leven aan de andere kant van het graf voor Douglas betekent. Welke Douglas gaat er naar de andere kant? Is het de jonge Douglas, die op middelbare leeftijd, of deze oude man? Of is het de Douglas op zijn sterfbed? En wat doet hij wanneer hij aan de andere kant komt? Wordt hij weer ouder? Ik versta al dat gedoe niet van wat er gebeurt met 'dit kleine kereltje' als hij aan de andere kant van het graf komt. Wat mij betreft is het complete nonsens.
Maar Ik ben dit Ene Hier. Wel, dit Ene is niet in de tijd; de tijd is in het Ene. Het enige leven na de dood dat ik voor mogelijk houd - niet alleen mogelijk, maar klaar en duidelijk hier voor mij - is het leven dat niet in de tijd verloopt, dat eeuwig leven is, en het is leven dat nu en alleen nu is. De tijd komt uit dit leven en verdwijnt er ook weer in. ….
|
|
|
|
Rubrieken
Column:
Douwe Tiemersma:Verzorgingshuis
Boeken:
an Ram Dass, Jan Bor en Ilse Bulhof (red.), J. Krishnamurti, Douglas Harding, Jan Kersschot
Teksten van lezers:
Kees
Boukema: Drie geschenken voor de oude dag
Brieven van lezers:
Gedichten
van
Josepha Strous
Mededelingen - Agenda
|
Zolang
voorradig
kunnen vorige nummers nabesteld worden.Voor meer
informatie hierover kunt u contact opnemen met:
Meinhard van de Reep
023-5257150 / fax 023-5274404
E-mail:
info@inzicht.org
Opgave voor een
abonnement kan ook via deze website,
klik hiervoor op de button "Abonnement"
|

|