Inhoud 
Inzicht nr 1 van februari 2002

Woord vooraf

Zoals in het vorig nummer al werd meegedeeld, starten we de nieuwe jaargang met enkele wijzigingen. Bij gebrek aan tijd moest Douwe Tiemersma zijn functie als eindredacteur van het blad opgeven. Hij heeft deze taak drie jaar lang op zich genomen en we zijn hem hiervoor bijzonder dankbaar. Gelukkig gaat Douwe niet helemaal weg en zal de lezer regelmatig een bijdrage van hem aantreffen.
  
Anderzijds zijn we verheugd dat Jan Koehoorn bereid is gevonden om tot de redactie toe te treden. Jan is musicus; geeft muziekles en speelt in een band. Af en toe begeleidt hij (advaita) gespreksbijeenkomsten en is ook actief op het internet met een website en een e-mail-gespreksgroep over advaita. In dit nummer vertelt hij in een interview zijn verhaal.
Een andere nieuwigheid betreft de wijze van uitgeven. De vorige jaargangen werden uitgegeven door de uitgeverij Altamira-Becht van de uitgeversgroep Gottmer. Vanaf dit nummer is dit niet meer het geval. Een nieuw opgerichte uitgeverij met dezelfde naam als het blad zal voortaan InZicht maken en verspreiden. Dat werd mogelijk gemaakt door Meinhard van de Reep van het vroegere Altamira.

Qua inhoud gaat InZicht door op de ingeslagen weg: degelijke artikelen bieden die het radicale zelfonderzoek bij de lezer kunnen stimuleren. Radicaal staat hier niet voor fanatisme, - wel integendeel - maar wijst op een onderzoek dat geen vrijblijvende filosofie is en verder gaat dan een studie van de persoonlijkheid, wat tot het domein van de psychologie behoort. Een van de hoofdcriteria bij de keuze van artikelen blijft de ervaring, de persoonlijke beleving van de auteur en de mogelijkheid om hiervan iets op de lezer over te dragen. Dat dit laatste niet vanzelfsprekend en via een geschreven tekst misschien zeldzaam is, betekent niet dat het lezen geen klaarheid kan scheppen, inzichten kan verdiepen en nieuwe perspectieven kan openen.
Een gevaar is – het is al bij herhaling gezegd - dat we onszelf verliezen in woorden. Hierbij zijn de ‘nieuwe’ woorden, geïmporteerd uit het Oosten, al even verraderlijk als de ‘oude’ holle woorden van onze eigen tradities. Het vraagt van de lezer een voortdurende alertheid om verder te kijken en niet gemakshalve te steunen op de uitspraken van welke leraar dan ook.
  
"The truth believed becomes a lie." Het leidt tot vormen van spirituele onverschilligheid, waarvoor Eli Jackson Bear in dit nummer waarschuwt. Zijn artikel over de aanslag van 11 september is rijkelijk laat als reactie, maar actueel om de valkuilen die erin worden blootgelegd. In dit verband blijft de rubriek ‘experimenten’ een vast onderdeel van het blad. Je vindt er een groot aantal in het artikel van Anne Sewart.
  
Onderzoek klinkt droog en wetenschappelijk en geeft de indruk uit te monden in neutrale kennis en zeker weten. Dit ligt hier toch enigszins anders. Zie hierover het mooie gedicht van Erik van Ruysbeek en het interview met Amma, de Indiase Wijze die letterlijk iedereen omarmt en hiermee tot uitdrukking brengt dat het ware zelfonderzoek uitmondt in mededogen. Ook Hans Laurentius spreekt in zijn artikel over vertrouwen eerder dan over weten en Jan van Delden heeft het over de 'ik-weet-het-niet-stilte'. In het eerste deel van een uitvoerig gesprek gaat hij nader in op de periode die na realisatie komt. Meer satsang-nieuws vind je in een kleine bloemlezing als voorpublicatie van het boek van Paul Blok, waarin verschillende Nederlandse spirituele leraren aan bod komen.
Het blijft onze bekommernis een breed spectrum van ‘wegen’ en verwijzingen naar ‘non-dualiteit’ voor te stellen. Dat ook Zen hierin een belangrijke plaats verdient, is duidelijk. In dit nummer een bijdrage van Pauline Vegting die – verrassend voor een zenlerares – schrijft over ‘God’.
De bijdragen van Yasmin Verschure en Hein Blommestijn sluiten dan weer meer bij de christelijke traditie aan. Ook hier blijft het een uitdaging om voorbij de woorden te zien naar waar ze verwijzen. Daaruit blijkt telkens weer dat de afstand tussen verschillende tradities minder groot is dan eerst werd gedacht. Dat betekent nog niet dat men ze zomaar op één lijn kan stellen of er een verwaterd soepje van kan maken.
  
Wij hopen dat in deze verschillende benaderingswijzen iedere lezer iets vindt dat, voorbij alle kennis, het wonder en mysterie van het Zijn levend houdt. De volgende nummers zijn weer themanummers: in voorbereiding zijn ‘seksualiteit’ en ‘wetenschappen’.

Raf Pype


Gesprek over Advaita Vedanta
Jan Koehoorn
in gesprek met Hanny Nijhuis

De interviewster, Hanny, is niet bekend met de Advaita Vedanta traditie. Ze is juist daarom door Jan voor dit interview gevraagd. We vallen er middenin. Het gesprek gaat over InZicht.
Jan: Het blad wil zich niet vastpinnen op één stroming. Er zit wel heel veel Advaita in, omdat dat eigenlijk ook geen stroming is.
Hanny: Ik wou net vragen: is het een stroming?
Jan: nee.
Hanny Wat is het dan precies?
Jan : In het Sanskriet betekent "dvaita" dualiteit, tegenstellingen. Wij kunnen dingen waarnemen omdat er tegenstellingen zijn. Als ik niet warm – koud zou kunnen voelen, dan voelde ik niets. Of hard – zacht (horen), licht – donker (zien). Dat noem je dualiteit.
Hanny Yin en yang.
Jan : Bijvoorbeeld ja. En die "A" in Advaita staat voor "non", non-dualiteit.


Over God, Stilte en vertrouwen.
Hans Laurentius

Als mensen spreken over vertrouwen, gaat het meestal over zelfvertrouwen. Het lijkt dan noodzakelijk zelfvertrouwen te ontwikkelen, te leren vertrouwen op je zelf dus, dat wil zeggen op wie jij als persoon denkt te zijn. Vervolgens kan er dan ook vertrouwen in de ander ontstaan, want zelfvertrouwen blijkt hand in hand te gaan met het vertrouwen van de ander, de wereld etc. (wat op zich al aangeeft hoe alles één is). Gaandeweg ontdek je wellicht dat je desondanks, ondanks je vertrouwen dus, gevangen blijft in het dualisme van wel en niet vertrouwen. Het is iets om bij voortduring in de gaten te houden en te onderhouden. En als het al zover komt dat dat niet meer nodig is, blijft het toch beperkt tot een in wezen persoonlijk vertrouwen, en betekent het de instandhouding van de scheiding tussen ik en niet-ik.


Verlicht, en wat dan? (1)
Jan van Delden
Interview en teksten van Bob Snoijink

De persoonlijkheid zal de vrijheid nooit begrijpen

"Wil jij mijn goeroe worden?" vroeg iemand vorig jaar aan Jan van Delden. "Nee," antwoordde hij, "maar ik wil wel je vriend worden." Van Delden heeft het woord 'goeroe' lang niet uit zijn mond kunnen krijgen. "Omdat ik weet dat jij en ik hetzelfde zijn: water dat met elkaar babbelt." In het besef dat hij een verloren strijd levert, belooft hij toch zijn best te doen om de denkbeeldige ongelijkheid tussen leraar en leerling uit de weg te gaan. Hij aarzelt dan ook om scheutig te zijn met bijzonderheden over zijn persoonlijke achtergrond. "Er zijn geen standaardontwikkelingen. Het gevaar is dat mensen denken, dat het net zo moeizaam moet als het mij is vergaan. Dat ik nou zo’n sukkel ben."

Er is veel geschreven over individuele wegen naar verlichting en al die geschriften kunnen volgens Van Delden op dezelfde manier versluierend werken. Liever gesproken over 'Verlichting en wat dan?', want de waan dat het met verlichting bekeken zou zijn is wijd verbreid. Er blijkt klare taal mogelijk over de weg die wordt afgelegd nadat zelfrealisatie heeft toegeslagen. "De som is opgelost, nu moet je 'm nog toepassen," zegt hij. In de regel zou het nog een jaar of tien duren voordat 'je stoel echt leeg is,' zoals Jan van Delden dat noemt.


Voorbij het ego
Een interview met Mata Amritanandamayi
Door Amy Edelstein

Over de hele wereld bekend als de stralende uitdrukking van ongeconditioneerde liefde, omarmt Amma letterlijk iedereen die haar komt bezoeken. Haar leerlingen kennen haar echter ook als een energieke en veeleisende goeroe. In dit interview met een van India’s hedendaagse goeroe’s stelt Amy Edelstein vragen naar de aard van het ego, de mogelijkheid om het te overstijgen en de rol die een spirituele meester hierin kan spelen.

Vraag: Wat is het ego?

Amma: Eigenlijk vraag je, wat is onwerkelijkheid? Maar hoe kan onwerkelijkheid beschreven worden? Waarom zouden we praten over iets dat niet echt bestaat? En kun je spreken over wat werkelijk is? Amma kan je alleen wat hints geven. Denken en voelen (de ‘mind’) zijn het ego. Maar het ego is een grote leugen – het is een leugenaar. Het is onwerkelijk.

Vraag: Wat betekent de dood van het ego voor de echte zoeker naar bevrijding?

Amma: Als het ego illusie is, over welke dood heb je het dan? We plakken het onwerkelijke over het werkelijke heen. Wat werkelijk bestaat, is Brahman. Er is geen ontdekking, maar ‘ont-dekking’: wegvallen van bedekkingen.


Experiment:en : Wat is echt?
Anne Seward

Alle tests richten de aandacht naar eenzelfde ‘plaats’ en hoewel het ‘zien’ misschien het meest overtuigende middel is, zullen we ontdekken dat elk zintuig en ook het denken en voelen in staat zijn om deze ‘plaats’ te onthullen.

Door wat de experimenten reveleren kun je geschokt zijn (prettig of onprettig), verbijsterd of verveeld, maar deze reacties doen eigenlijk niets terzake, niet meer dan ze het zouden doen in een wetenschappelijk experiment. Ons enig doel is nagaan wat waar is. We kunnen gerust aannemen dat wat reëel en waar is een diepe betekenis heeft, en mocht het zo zijn dat we het verkeerd voorhebben omtrent onszelf, dan is het ook waarschijnlijk dat dit op zijn minst enige invloed heeft op onze problemen en op die van de wereld.


Durf te zijn wat je in wezen bent.
Yasmin Verschure

Zolang we nog iets nodig hebben van een ander, zijn we vergeten wie we werkelijk zijn.

Wat doe je? is een vraag die we elkaar in het Westen stellen en waarmee we de waarde van die ander bepalen. ‘Ik doe niets, ik probeer alleen maar te zijn’ is sinds korte tijd mijn antwoord. De vragensteller kijkt me aan of ik van een andere planeet kom en zijn belangstelling is onmiddellijk voorbij. Het etiket is geplakt: niets. Zij is dus van geen enkel nut voor deze maatschappij. De eerste keren vond ik dit pijnlijk. Ik was kennelijk nog niet los van mijn eigen etiketteringen en de handelswaarde die dit met zich meebracht. Maar naarmate ik de ruimte begin te ervaren van het ‘niets’ hoeven te zijn, het niet langer hoeven te voldoen aan al die plaatjes, al die verwachtingen, ervaar ik dat het heerlijk is. Absolute vrijheid! Die sporadische mensen die zich niet afwenden, wensen datgene in mij te zien wat ik werkelijk ben. Zij hebben de moed achter de uiterlijke façade te kijken. Kostbare, incidentele ontmoetingen, rechtstreeks vanuit het hart, zijn het gevolg.


God
Pauline Vegting

De ervaring is onverwoordbaar en daar zou je het eigenlijk bij moeten laten.

Pauline Vegting was zenlerares en stichtster van het zencentrum ‘De Stenen Brug’ te Amsterdam. Kort vóór haar overlijden in 1998 stuurde zij een aantal artikelen naar de redactie van het toenmalige ‘Zien’, waaronder bijgaande. Zij kijkt terug op haar leven en vindt hierin reeds vroeg een ervaring van kracht, die zij noemt ‘mijn-kracht-niet-mijn-kracht’. Anderen noemen het God. (…)

Inmiddels mogen God en christelijke religie van mij weer. Immers, volgens het boeddhisme en naar mijn ervaring zijn alle woorden leeg. Je kunt ook zelf aan begrippen een betekenis geven. Het zijn, zoals ik al eerder betoogde, verwijzingen en niet het mysterie zelf. Ook zijn de woorden ontstaan in interverwevenheid met een hele cultuur, die ook mijn cultuur is. Er is een historie waar ik niet buiten sta, en als ik historie en interverwevenheid zie, kan ik christelijke ‘waarheden’ hun plaats geven. Dat is werkelijk verstaan.


New York Report
Eli Jackson Bear

In naam van de ‘verlichting’ zeggen dat je geen voorkeur moet hebben bij het zien van de afschuwelijke televisiebeelden, of vragen waarom je huilt als de dood niet echt bestaat, is onwetendheid die beweert verlicht te zijn. Het is een soort geloof, dat meer lijden veroorzaakt dan verzacht.

Deze tijd van verwonding laat zien dat ieder van ons met alle wezens op aarde verbonden is. Door het scheuren van de sluier van veiligheid en afzondering is de collectieve psyche gebarsten.

Hier ligt een grote kans om ons op een nieuw niveau met een leven zonder compromissen te verbinden.

Mededogen met hen die stierven kan ons naar een diepere bereidheid brengen om het lijden in deze wereld te beëindigen.

Hoewel ik nu in Californië woon, ben ik opgegroeid in New York. Ik ben een New Yorker van de derde generatie. Ik zat in het eerste vliegtuig dat na de aanslagen op 11 september in New York mocht landen. ….


Geboren voor de liefde
Hein Blommestijn

De oude mens moet sterven aan zichzelf, opdat God hem kan bekleden met de nieuwe mens.

Dit is onze ware geboorte. Onze individualiteit verdwijnt niet en vervluchtigt evenmin in een wazige goddelijke identiteit. Wij worden door God ‘over-vormd’, zoals de mysticus Jan van Ruusbroec zegt. Dit betekent dat we bekleed worden met de modaliteiten van het goddelijke leven, die in ons concreet gestalte krijgen. Wij worden niet ver-spiritualiseerd, maar God incarneert zich in de menselijke en aardse werkelijkheid: God is mens geworden.

Wij kunnen deze omvorming of overvorming door God niet bewerken. God neemt het initiatief. Dat kan ook niet anders, want we weten niet wie God is en hoe hij is. Zouden wij het wel menen te weten, dan zouden we zelfs in de hoogste fasen van het mystieke leven God proberen te maken naar ons eigen beeld en gelijkenis. De omvorming in God is een passief proces, waarin de dynamische structuren van onze menselijke persoon op een totaal nieuwe wijze gaan functioneren. Zij worden niet afgeschaft, maar verliezen hun ‘eigen’ doelgerichtheid. We handelen zoals vroeger, maar ín ons handelen is God aan het werk.


Rubrieken

Boeken 
Gedichten:
Erik van Ruysbeek
Brieven van Lezers
Mededelingen – Agenda
Register: overzicht van alle artikelen uit de jaargangen 1999, 2000, 2001


Gesprek met Nederlandse leraren
Paul Blok

Een voorpublicatie van het boek "Welkom in satsang. Nederlandse leraren over de essentie van het bestaan" In dit boek laat Paul Blok de lezer kennis maken met zeven Nederlandse spirituele leraren. In alle openheid spreken zij over vele aspecten van het leven en van het spirituele pad. Het gaat om Douwe Tiemersma, Jan van Delden, Philip Renard, Hans Laurentius, Han Marie Stiekema, Susan Frank en Djihi Marian van de Wetering.

Een impressie van het interview met enkele van deze leraars.

Zolang voorradig kunnen vorige nummers nabesteld worden.

Voor meer informatie hierover kunt u contact opnemen met: 
Meinhard van de Reep 
Uitgeverij Inzicht 
0252 522001 / fax 023-5274404

E-mail:
info@inzicht.org

Opgave voor een abonnement kan ook via deze website, 
klik hiervoor op de button "Abonnement"