|
Tantra en
seksualiteit
Een gesprek met Eric Baret
Tantra is
geen middel om een of andere toestand te bereiken of om de
seksualiteit te ‘bevrijden’. De tantrische rituelen zijn
er om, vrij van angst en begeerte, de Stilte en de
gevoeligheid van het lichaam te vieren.
Vraag: Wat
men van tantra kent, is eigenlijk een praktijk die met de
seksualiteit verbonden is. Is dit ook zo in de Kashmir
benadering?
Baret: In
tegenstelling tot wat in vorige eeuw in Oostenrijk
geformuleerd werd, bestaat er geen specifiek seksuele energie.
Energie is puur. Zij kan zich opsplitsen, zich op
verschillende niveaus uitdrukken. Als een musicus componeert
is dit geen seksuele energie die verplaatst wordt, die
gesublimeerd wordt in de muziek. Energie is neutraal.
In de
seksualiteit zit een grote fixatie! Men moet zich van deze
beperking bevrijden. In het tantrisme verdwijnt ze compleet.
Voor de meeste mensen betekent seksualiteit een innerlijke
dwang. Ze voelen een spanning en de seksualiteit is een middel
om zich hiervan te bevrijden. Maar, als je lichaam in diepe
rust, in grote helderheid is, voel je je totaal autonoom,
zonder behoefte. Dan kun je vrij de andere ontmoeten. Als je
met lege handen een mens aanraakt, ernaar kijkt, voelt,
smaakt, hoort, is er waarlijk kracht: men ontmoet de ander in
de volheid en niet in de behoefte. Als je aanraakt vanuit het
verlangen projecteer je je eigen verlangen en gebruik je het
andere lichaam om een impuls te bevredigen. Als het gedaan is,
ga je naar de bioscoop en drie uur later begin je opnieuw.
De
ontdekking van een ander lichaam is een buitengewoon iets.
Maar vooraleer het andere lichaam te ontdekken, moet men zijn
eigen lichaam ontdekken. Als je lichaam door schrik, verlangen
of angst bewoond wordt, kun je geen ander lichaam aanraken.
Dit is niet mogelijk. De handen zijn niet vrij, de blik is
niet vrij. Je moet eerst komen in een totaal luisteren. Je
beluistert je lichaam zonder iets te projecteren. Het lichaam
is geen toeval. Je kijkt naar je lichaam, je voelt het, smaakt
het, totdat je ontdekt dat het maar een schema is. De meeste
mensen hebben reeds vanaf hun derde, vierde levensjaar hun
lichaam vastgelegd. Als ze ’s morgens wakker worden en hun
lichaam voelen, voelen ze alleen een schema van angst en
begeerte. De eerste stap in de tantrische yoga is om deze
lichamelijke structuur bloot te leggen. Je ziet hoezeer het
lichaam een massa reacties en angsten is, hoezeer het
strottenhoofd, het borstbeen, de schouders, de heupen, de
handen, de ogen, de mond alleen maar inhaligheid en begeerte
zijn. Wat ons aanstaat willen we grijpen, wat ons tegenstaat
wordt geweigerd. Het lichaam is voortdurend onderworpen aan
deze beweging van aantrekken en afstoten. Vooraleer van een
ontmoeting te dromen, moet men zichzelf ontmoeten. De
lichamelijkheid moet haar openheid, haar tansparantie
terugvinden. Dit is de eerste stap. Als je je vrij voelt van
verlangen, autonoom, voldaan, kun je deze tevredenheid met een
ander vieren.

Seks en
Openheid
Douglas Harding
Het ‘leven
zonder hoofd’ is een leven in openheid voor de ander. Wie
het aandurft te zien wat werkelijk is, verdwijnt ten voordele
van de ander. Of er dan al of niet seks bij komt, deze ‘gezicht-geen-gezicht’-
relatie is de vreugde van een ultieme intimiteit die geen
complexen of katers kent. Zelf-realisatie en lichamelijke
liefde zijn hier natuurlijke bondgenoten
Als seksuele
partners hun ware Natuur zien en samen bewust gezichtloos
zijn, kan hun liefdesbeleving als een openbaring zijn, als een
opening naar nieuwe en onvermoede dimensies van bestaan.
Tegelijkertijd blijft ze even menselijk (en zeker even
lichamelijk) als altijd - behalve dat ze ongewoon vast en
onbezorgd is en vrij van de gebruikelijke inhaligheid en
zelfinteresse. Misschien nog verrassender is de ontdekking dat
dit liefhebben het ‘zien’ van beide partners bevordert.
De reden
hiervoor is ongetwijfeld dat deze liefde, alhoewel zeldzaam,
juist natuurlijk is. Alle ware minnaars zijn, ook al is
het onbewust, zonder gezicht. Ze staan voor elkaar van gezicht-tot-geen-gezicht
(face-to-no-face). Omgekeerd zijn allen die bewust
gezichtloos zijn ware minnaars, in de diepste betekenis van
het woord. Dit is hoe ons liefdesleven geleefd wordt zodra we
ophouden te doen alsof: we zijn gebouwd om lief te hebben,
zelfs meer boven dan onder de gordel - we zijn echt zo gebouwd
en hebben geen keuze. Hierboven - waar anderen ons hoofd zien
- zijn we altijd topless; hierin past de andere als
gegoten. Hier is iedereen een volmaakte ontvanger, gereed en
genoodzaakt om door de ander gevuld te worden, volstrekt
vrouwelijk tegenover de mannelijkheid van de ander,
onvoorwaardelijk gegeven en overgegeven, overwonnen en
doordrongen door de ander. (…)
Natuurlijk
in de praktijk is de seksuele kant van deze bijzondere liefde
onvermijdelijk beperkt en dikwijls helemaal uitgesloten. Maar
deze beperkingen, hoe pijnlijk ze soms ook zijn, zijn
uiteindelijk aanvaardbaar bij hen die ‘gezichtloos’ zijn
en die op die wijze sowieso van een totale vereniging
genieten. Geslachtsgemeenschap is voor hen een aangrijpend
maar facultatief en niet onontbeerlijk extra, want deze
opperste Versmelting is altijd voorhanden, deze Identiteit
waaraan in laatste instantie niets ontbreekt.
Gesprek
(uit een chatsessie met Jan Koehoorn)
Bezoeker: Je
kunt toch alleen maar fantaseren over zelfrealisatie? Ik
bedoel: als zoeker zie je de zaak toch steeds geheel verkeerd?
Jan: Precies, daarom moest ik ook bij Alexander, mijn leraar,
zijn om al die rare fantasieën erover te ontzenuwen.
Oké,
maar daar verloor je waarschijnlijk je ideeën.
Ja, elk idee, over hoe het eruit zou horen te zien, hield daar
op.
Maar dan
komt ook het verlangen naar zelfrealisatie ter discussie te
staan.
Dat komt pas op het allerlaatste moment, als dat werkelijk nog
je enige verlangen is.
Wie weet
of er sprake is van het allerlaatste moment?
Ik weet dat. Ik kon werkelijk voor duizend procent zeggen dat
zelfrealisatie het enige was dat ik nog wilde. Niet omdat ik
iets bereikt had of zo, maar omdat andere dingen mijn
interesse niet meer hadden. Klinkt heel onverschillig, maar zo
was het.
Van seks
naar Hemelse liefde op aarde
InZicht in gesprek met Djihi Marianne
Is er nog
seks voor een verlichte?
Een
verlichte is niet geïnteresseerd in seks, maar in liefde.
Het ontwaken
opent je binnenste naar buiten. Je raakt alles aan. Je bent
die lucht, die weidse verte. Lichamelijk strek je je voorbij
de horizon uit. Zintuiglijk sta je wagenwijd open. Ik heb die
energie leren kennen als een energiecentrale met een enorme
potentie, diep instralend en ver uitstralend. Jij bent als
energie Zelf. Geluk laat zich zien aan de buitenkant: je
glanst, je straalt, je danst, je bent open, je ziet er jonger
uit.
Het Hart,
die liefde, drukt zich via het lichaam uit. Maar die
liefdesuitdrukking heeft voor mij niet zoveel meer te maken
met wat je onder seks verstaat. Het is verinnerlijkt. Juist
doordat er niets nodig is, is er zo’n overvloed aan liefde.
|
Seksueel
verlangen en verlichting
Uit een inleiding en gesprek 20 februari 2002
Douwe Tiemersma
Het
seksuele verlangen en het verlangen naar verlichting zijn niet
erg verschillend. Beide zijn gericht op eenheid, beide zijn
vaak verslavend en vol leed. Alleen wanneer beide universeel
worden, is er niets anders meer om te verlangen. Als dit
samengaat met bewust-zijn is er een bewust-een-zijn dat niet
meer afhankelijk is van welke omstandigheden dan ook.
Het
orgasme en verlichting
Als er
seksueel een eenwording is, verdwijnen de laatste resten van
de persoon. Men spreekt daarom over die vereniging als ‘de
kleine dood’. Het afgescheiden ik verdwijnt in de eenheid
van het orgasme. De laatste resten van gescheidenheid worden
overgegeven, losgelaten. Er is dan geen man, vrouw of mens
meer. Daarom kan het orgasme een ‘kleine verlichting’
worden genoemd. Het zou een breuk kunnen betekenen in de
gesloten ruimte van het ego naar de werkelijke verlichting.
Bekeken vanuit de seksuele energie, is de verlichting een
oneindig en altijd blijvend orgasme. De oneindige
non-dualiteit openbaart zich ook energetisch, waarbij de grens
van dood en leven is verdwenen. Alleen in het Uiteindelijke
Oplossen verdwijnt ook de laatste kosmische energie.
Alle mensen
zoeken naar eenheid, ook in de seksualiteit. Als het beperkt
blijft tot het organische seksuele niveau, blijft er
dualiteit. Als het zich werkelijk mag ontplooien op alle
niveaus en de energie zich kan transformeren en ontplooien,
blijkt dat de eenheid, die zo werd nagestreefd, nooit afwezig
was.
Relaties
Eckhart Tolle
Tenzij en
totdat je toegang krijgt tot de bewustzijnsfrequentie van het
aanwezig-zijn, zijn al je relaties, en in het bijzonder je
intieme relaties, in diepe zin gebrekkig en uiteindelijk
verstorend. Een tijd lang lijken ze misschien volmaakt - zoals
wanneer je verliefd bent - maar die schijnbare volmaaktheid
wordt altijd weer verstoord als woordenwisselingen,
conflicten, ontevredenheid, emotioneel en zelfs fysiek geweld
elkaar steeds vaker gaan opvolgen. Maar volgens Tolle ligt
precies hier een kans tot bewustwording. Relatie als
spirituele oefening.
Omdat de
mensen zich steeds meer met hun verstand zijn gaan
identificeren, zijn de meeste relaties niet geworteld in Zijn.
Zo veranderen ze in een bron van pijn, worden ze beheerst door
problemen en conflicten.
Als relaties
ikzuchtige denkpatronen van energie voorzien en uitvergroten
en het pijnlichaam activeren, zoals in deze tijd gebeurt,
waarom zou je dat feit dan niet accepteren in plaats van te
proberen eraan te ontsnappen? Waarom zou je er niet mee
samenwerken in plaats van relaties uit de weg te gaan of
achter het spookbeeld van een ideale partner aan te blijven
jagen als antwoord op je problemen of als een manier om je
vervuld te voelen?
De erkenning
en aanvaarding van de feiten brengt ook een zekere mate van
vrijheid mee. Als je bijvoorbeeld wéét dat er disharmonie is
en je houdt vast aan dat ‘weten’, dan komt er door dat
weten een nieuwe factor in het spel en kan de disharmonie niet
dezelfde blijven. Als je weet dat je je niet op je gemak
voelt, schept dat weten een stille ruimte die je onvrede
liefdevol en teder omhult en dan je onvrede in vrede
verandert.
Seksualiteit
en spiritualiteit
Marcel Messing
De tijd
lijkt rijp voor een herwaardering voor zowel een harmonieuze
intiem beleefde seksualiteit als voor een celibatair leven,
dat de natuurlijke vrucht kan zijn van een bepaald geleid
leven en niet van onderdrukte gevoelens.
De laatste
tijd lijkt er ten opzichte van de ééndimensionale cultuur
van de seksualiteitbeleving geleidelijk een verzadiging in te
treden. Een cultuur van overorga(s)nisering van de
seksualiteit, van overprikkeling van de zintuigen en niet te
beteugelen haast, van gemis aan romantiek, gebrek aan
tederheid, ontkenning van intiem gesprek en van erotische
verveling, heeft zich in de vrijersbedden van 'een al te veel'
genesteld. Er komt weer ruimte voor een andere bezinning, een
andere dimensie. Steeds meer wordt gevraagd naar de diepere
betekenis van deze drijvende evolutiekracht die tot de hoogste
hemelsferen, de meest mystieke ervaringen of tot de
hellesferen van verloederde bordelen, aids en seksuele
nachtmerries kan voeren. De seksuele energie zelf blijft er
even neutraal bij. De tijd lijkt te naderen waarin ruimte
ontstaat voor een nieuwe beleving van de seksualiteit, zelfs
voor het niet afgedwongen celibaat, dat door tallozen in het
verleden gesloten werd onder de doem van een nauwelijks vol te
houden 'eeuwige gelofte'. De spirituele dimensie is wellicht
meer dan ooit bespreekbaar geworden, zonder dat zich de
hilariteit van zogenaamd seksueel-bevrijden - vaak zelf ten
diepste gefrusteerd - uitstort over hen die een wat andere
visie hebben. Na de Victoriaanse preutsheid, de seksuele
revolutie, het condoom, de pil, de after-moming pil, het
spiraaltje of de viagra-pil om erecties kost wat kost op te
wekken, blijkt er - net als na de roes van alcohol - toch een
'kater' (voor sommigen een 'poes') over te blijven. Het
sacrale karakter van de seksualiteit, maar nu los van
zondebesef, dogma en religieuze conditioneringen, is weer
bespreekbaar geworden. De heelheid van lichaam-ziel-geest
wordt weer in ogenschouw genomen.
Verlicht, en
wat dan? (2)
Jan van Delden
Interview
van Bob Snoijink
DE WERELD
OPGEVEN ZOALS HIJ ZOU-MOETEN-ZIJN
Verlichting
zal je altijd ontglippen als je denkt dat het fenomeen ergens
voor te gebruiken is, of in de waan verkeert dat de
persoonlijkheid er iets aan heeft, legt Jan van Delden uit in
deze tweede en laatste aflevering over de weg die nog wordt
afgelegd als zelfrealisatie een feit is geworden.
Hoe weet je
of je thuis bent?
Je kunt
gerealiseerd zijn - dus de Kleine Stilte hebben geproefd - en
nog steeds onderhevig zijn aan opinies, reacties, gevoelens,
emoties, die hele berg Jantjes. Volledig gerealiseerd is als
er niets meer reageert van binnen en de opinies weg zijn. Dat
is subtiel, want al die Jantjes blijven gewoon doorzaniken. Ze
hebben het alleen niet meer voor het zéggen en worden
allemaal gé-zíen. Of het nu klote gaat of goed, er is geen
gedachte, opinie of emotie die er met me vandoor kan gaan of
er iets aan wil veranderen. Thuis-zijn is ook zeker weten dat
je nooit weg bent geweest. Dat je altijd al aan de Kennende
kant hebt geleefd. Dat je onmogelijk uit het hier-en-nu
wegkunt. Je hoeft jezelf nooit meer iets af te vragen, zo min
als je je hoeft af te vragen of je een man bent.
Rubrieken:
Boeken:
De Bhagavad Gita – het heilige boek van de hindoes.
De vertaling van Gerda Staes (Davidsfonds) wordt vergeleken
met de selectie en commentaar van Ramesh Balsekar
(Altamira-Becht)
Column
Experiment
(van Scott Morrison)
Brieven van Lezers
Mededelingen – Agenda
|