Inhoud

Jaargang 8 - Nr. 2 - mei 2006
Thema: Spiritualiteit en de wereld
|
Woord
vooraf Jan Koehoorn |
|
|
Handelen of zijn? Douglas Harding Het leven heeft een verontrustende manier om ons voor dilemma’s te plaatsen, voor schijnbaar onoplosbare problemen over wat we al of niet moeten doen. Niet dat het problemen zijn waar geen antwoord op is, het zijn eerder situaties met twee totaal tegenstrijdige antwoorden. Wij weten niet waar wij staan. De resultaten van wat we doen zijn niet duidelijk. Juist en verkeerd hebben de neiging om van plaats te wisselen. Je zou kunnen zeggen dat het leven ons steeds weer in het nauw drijft in een spel dat we niet kunnen winnen, in een voortdurende keuze tussen twee kwalen. Eén van de lastigste dilemma’s is: moeten we het spel van het leven gadeslaan of meespelen, moeten we verantwoordelijkheid afwijzen of opnemen, moeten we ingrijpen of ons afzijdig houden? De grote leraren van de wereld maken het er ons niet gemakkelijker op. Het lijkt of ze alleen nog meer verwarring brengen. Neem bijvoorbeeld Jezus. In zijn bergrede vertelt hij ons om te ontspannen, om de zorg voor morgen te laten aan morgen, om alles over te laten aan de verborgen Kracht die de lelies doet groeien en voor hun schoonheid instaat. Maar anderzijds, in de parabel van de talenten, looft hij de bezige, plichtsgetrouwe en verantwoordelijke burger en zendt hij de nutteloze leegloper vrolijk naar de hel. Wel, wat zullen we doen? Onze last dragen of dumpen? Anderen helpen om hun last te dragen of alle verantwoordelijkheid afwijzen? Inzet en mededogen Gesprek met Ton Lathouwers (tweede deel) Waarom legt zen dan zo de nadruk op het mediteren? In advaita zal eerder gezegd worden dat we met oefenen onmogelijk kunnen bereiken wat we toch al zijn. Zen daarentegen wordt ‘beoefend’. En het zitten (in meditatie) wordt dan veelal gezien als het middel om vooruitgang te maken. Of heb ik het mis? Zo wordt het inderdaad vaak gezien. Maar het klopt niet. Ook in zen leeft het besef dat je niet kunt oefenen om - laat ik maar zeggen - innerlijk wakker te worden. Van de zenmeditatie wordt juist gezegd dat het mushotoku is: ‘geen doel’, en dat ‘zelfs het laatste restje bedoeling zal worden weggewaaid door de Grote Leegte. (...) Het zenboeddhisme kent echter inderdaad de discipline van zitten in stilte en aandacht. Maar dat is iets totaal anders dan een ‘middel tot’. Die discipline houdt een doorgaan en volharden in waaruit elke bewuste en concrete doelgerichtheid is uitgebannen. Het is inspanning en volharding in grenze-loos vertrouwen, maar met een volstrekt open einde. Hisamatsu balt dit alles samen in wat hij zijn fundamentele koan noemt: ‘Precies hier en nu, als volstrekt niets werkt, wat je ook doet: wat ga je dan doen? Als al onze manieren van zijn en al ons handelen falen, wat gaan we dan doen?’ ‘Al onze manieren van zijn en al ons handelen’ , zegt hij daarbij, heeft betrekking op heel ons feitelijke bestaan. Die toestand waarin niets werkt is een absolute staat, een laatste grens. Wanneer alles faalt, doen zowel als niets-doen, - want kijk uit dat je hier geen nieuwe dualiteit schept door doen te plaatsen tegenover niets-doen - wat gaan we dan doen? Wanneer het ons niet lukt iets te doen oog in oog met dit totale falen, zullen we nooit werkelijk losbreken uit al onze manieren van zijn, uit ons bestaan als ‘iets’. (...) Helpen zonder doen Douwe Tiemersma Mensen die begaan zijn met het leed van de wereld vragen: ‘Moet je je niet inzetten voor de wereld?’ In een iets andere vorm komt de vraag: ‘Wat blijft er over van de inzet voor de wereld bij de realisatie van non-dualiteit?’ Het antwoord hierop is: ‘Niets, en dat is het beste voor de wereld.’ Welke goede dingen je zou willen bereiken door in de wereld te werken, bij een werkelijke doorbraak van non-dualiteit blijkt het goede zich het meest te kunnen manifesteren. Laten we daar preciezer naar kijken. (...)
De wereld is in jou Mieke Berger Aan de basis van menige zoektocht naar bevrijding en vrijzijn staat het subjectief ervaren lijden aan de wereld. (...). Lijden ontstaat als we de wereld zoals die zich aan ons voordoet niet kunnen aanvaarden. Of als die wereld ons een onbevredigd gevoel geeft, waardoor we verlangen te weten wat nu toch doel en bedoeling van ons leven is. Voor we op dat punt aangekomen zijn, heeft zich vaak al veel in ons leven voorgedaan. Bij sommigen zijn die ervaringen zodanig bitter dat we ons hevig verzetten tegen de wereld zoals die zich aan ons voordoet en de tekortkomingen die erin worden aangetroffen. Als we de omstandigheden niet kunnen veranderen kunnen frustratie en bitterheid, soms zelfs totale afwijzing van de wereld, het gevolg zijn. Het zou te kort door de bocht zijn om ons nu al eraan te herinneren dat de wereld aan ons ‘verschijnt’ en als zodanig illusoir is. Het is een verschijning en als verschijning net zo levensecht als de nachtmerrie waaraan we kunnen lijden. Maar illusoir of niet, het lijden en het verzet is er niet minder om. En dus is er de drang om aan het lijden, illusoir of niet, een eind te maken. In dat streven ontkomen we er niet aan nauwkeurig de aard van de wereld onder de loep te nemen. Goed kijken naar de wereld is een eerste stap richting bevrijding. |
In de wereld, maar niet van de wereld Marcel Messing Handelen zonder te handelen Bestaat er een vorm van handelen, waarbij wij zelf niet de doeners zijn? Een meebewegen in het grote bewegen vanuit tijdloze rust én beweging. Een handelen zonder aanwezigheid van het ik? In het taoïsme wordt gesproken van wu-wei, een wijze van handelen die afgestemd is op tao, het leven zelf, de golfstroom van het geheel. Er wordt niet tussenbeide gekomen door ‘iemand’, er wordt geen keuze gemaakt door een splitsend ik, geen oordeel uitgesproken, er is geen pro en contra in de geest. Er wordt gehandeld zonder dat er een iemand is die handelt. Wu-wei is egoloos handelen, het is het leven zelf in actie, waarbij de mens het voertuig is van de voltrekking ervan. Dit handelen gaat voorbij aan de dialectiek van handelen en niet-handelen. Ik-gericht handelen is steeds gericht op de vruchten van de handeling, de resultaten. Het ik is de kleefstof die handelen en de vruchten ervan met elkaar verbindt, waardoor de resultaten van het handelen, positief of negatief, heilzaam of onheilzaam aan het ik blijven kleven.... Een dergelijk soort handelen gaat altijd voorbij aan tao, is niet dienstbaar aan het leven, fungeert als de ‘grote splitser’, verbreekt de oerpolariteit van het leven in de eigen geest en daarbuiten, is niet meer de ‘grote verbinder’ van yin en yang, vrouwelijk en mannelijk, duister en licht, negatief en positief, ti en t’ien (hemel en aarde). Spiritualiteit en de wereld Ted Wilson De oude concepten van een cyclische, onveranderlijke wereld en de concepten die in de loop der eeuwen gehanteerd werden bij spiritueel onderzoek, zijn inmiddels achterhaald. De wetenschappers van de 20ste eeuw tonen ons een bewust, levend, creatief universum. Een universum waarvan wij zelf deel uitmaken. Wij ZIJN dat universum. Elk idee dat wij over onszelf hadden, levend in de wereld, is daarmee achterhaald. Elk idee dat wij ons hadden gevormd over de positie die wij in het dagelijkse leven innemen, ook vanuit het spirituele, verlichte perspectief, is niet langer bruikbaar. (...) Osho, meester van de paradox Han van den Boogaard Van juli 1974 tot 10 april 1981 gaf Osho, toen nog Bhagwan Shree Rajneesh, elke morgen in de Boeddhahal in Poona zijn visie op alle mogelijke aspecten van spiritualiteit. Hij gaf voornamelijk commentaar op bekende en minder bekende mystici binnen talrijke tradities: tao, zen, christendom, hindoeïsme, boeddhisme, soefisme en tantra. Daarnaast gaf hij antwoord op vragen van volgelingen. In een van de eerste reeksen vragen en antwoorden sprak hij uitgebreid over de Meester-leerling relatie, zijn werkwijze en het doel dat hij middels de bijeenkomsten in de Boeddhahal beoogde. De teksten verschenen in boekvorm. Het zette er talloze zoekenden toe aan naar Poona af te reizen. Eind vorig jaar verschenen ze in een nieuwe Nederlandse uitgave: ‘Mijn Weg, de Weg van de Witte Wolken’. Hoeveel zeggingskracht hebben de teksten op dit moment nog? Wat voor een Meester wordt er zichtbaar? Verlichting, ervóór, tijdens en daarna (deel 2) Rani Willems In het vorige deel vertelde Rani hoe zij tot een “Verlichte Staat” kwam en een aantal jaren lang satsang gaf in Nederland, India en elders in Europa. Ook hoe ze langzamerhand merkte dat, ondanks het feit dat ze de leegte en de stilte ervoer, het ego nog steeds aanwezig was en eigenlijk sterker werd. Wanneer ze hierover in haar satsangs begint te spreken en werk aanreikt om helderheid te brengen in het verstoppertje spelen van het ego, merkt ze dat veel mensen daar niets van willen weten. Ze willen ‘shortcuts’ en Rani heeft er steeds minder. En haar lichaam bezwijkt onder de druk van het vele reizen en werken. (...) Zen als je dagelijks leven Een interview met Maurice Knegtel door Frans Hasselaar In je boeken zoek je een specifiek westerse benadering van het boeddhisme. Schiet in jouw ogen de oosterse benadering tekort? Nee, ik heb zelf veel gehad aan de oosterse benadering. Mijn bezwaar is dat in Nederlandse zencentra de beoefening nog steeds in het verlengde van de Japanse zentraditie ligt. Dat wil zeggen, een monastieke traditie die draaide om een groep professionals die het pad volgde, en die tien jaar de tijd kon nemen om zich door 750 koans te worstelen. Je hoort er niet hoe zwaar het is als je werk hebt, een vrouw of een man en kinderen. Ik train op volksuniversiteiten, met groepen die niet voor de traditionele zen komen. Dus spreek ik ze niet aan in de Chinese terminologie van het landbouwtijdperk van de achtste eeuw na Christus. Voor de mens van nu gaat dat nergens over: brandhout sjouwen en ceremonieel thee drinken, dat doen wij niet. Wij zijn van internet aan het downloaden. Dat is voor ons zen. Mijn studenten mediteren in eerste instantie op stoelen. Omdat ze dan in relatief korte tijd kunnen proeven wat meditatie is. Zo is het ook een kleine stap naar even vijf minuten mediteren achter de computer of in de trein. En die stap is belangrijk. Meditatie is voor werkende mensen vaak een soort kerkgang; één keer per week, twee uur op een avond. En dan is het heel moeilijk om te gaan zien dat zen het dagelijkse leven ís. Je moet je passie en je voornemen concretiseren in een plaats in je agenda en een plekje in je huis. Anders verwateren ze. (...) |
|
Rubrieken: - Wordt vervolgd: De weg naar Monnikendam 6 (Karel Wellinghoff) - Mededelingen – Agenda
| |
|