Inhoud

Jaargang 9 - Nr. 1 - februari 2007
|
Woord
vooraf Deze keer een themaloos nummer, maar anderzijds zou je kunnen zeggen dat het centrale thema van InZicht, het non-dualisme, in zijn vele mogelijke uitingen voor het voetlicht wordt gebracht. Douwe Tiemersma belicht de betekenis van de klassieke frase ‘Jij bent Dat’, die het non-dualistisch perspectief wellicht als geen ander samenvat. Robert Hartzema legt uit wat er bedoeld wordt met een andere klassieke formulering, afkomstig uit het Tibetaans Boeddhisme: ‘Alles is overduidelijk aanwezig zonder werkelijk te bestaan’. De ‘Diamond Approach’, een moderne benadering van het onpersoonlijk bewustzijn, wordt in een vraaggesprek toegelicht door degene die haar heeft ontwikkeld, A.H. Almaas. Hij gebruikt de psychologie van de waarneming als bruggenhoofd naar een bewustwording van de grond van alle gewaarzijn. En de Amerikaanse leraar Adyashanti spreekt in een door door Frans Hasselaar vertaald satsangfragment over dat wat onveranderlijk is en aanwezig in alle ervaringen. Zijn verwoording van de ware identiteit van ieder van ons weerspiegelt de zuivere Leegte van waaruit hij spreekt. Verder in dit nummer het eerste deel van een nieuwe reeks, ‘Wat is Advaita?’, waarin auteurs aan het woord komen die op eenvoudige maar doeltreffende wijze het non-dualisme in woorden hebben weten te vatten. Daarnaast is er aandacht voor de mystieke stroming van het Soefisme, heeft Philip Renard het non-dualisme schematisch in historisch perspectief gezet, en heeft Mieke Berger zich nog eens gebogen over het thema ‘Hechting/onthechting’. Non-dualisme in al zijn diversiteit is een spirituele stroming zonder agenda. Er is geen sprake van een duidelijk omschreven doel, of het zou het streven moeten zijn om met lege handen, richtingloos en doelloos in de wereld te komen staan, in het besef en het vertrouwen dat het bestaan zichzelf zo rechtvaardigt en in de ogen kijkt. Het is, in de woorden van Adyashanti, “een volkomen nieuwe manier van leven - leven in en als de werkelijkheid in plaats van leven vanuit de geprogrammeerde ideeën, opvattingen en impulsen van je dromende geest. Het zoeken houdt op, want je kijkt naar God met zíjn ogen”. De formulering van wat er gezien wordt kan niet anders dan spontaan en intuïtief zijn, en is in wezen niet voor herhaling vatbaar. Tegelijkertijd biedt dit ruimte aan steeds weer nieuwe formuleringen die het Nu weerspiegelen waarin we leven. We lezen ze, en hopelijk vergeten we ze weer, zodat we ongehinderd verder kunnen stromen. Want slechts één oog leest alle woorden en ziet alle dingen. Han van den Boogaard
|
|
|
Robert Hartzema Tekst zonder letters Alles wat wezenlijk van belang is, is woordloos en ongrijpbaar, zoals de warmte van de winterzon op je huid. Als je aan een willekeurige groep mensen vraagt wat hun meest basale verlangens zijn, dan zijn de antwoorden: vrijheid, liefde, intimiteit, onbezorgdheid, mezelf zijn. Een enkeling noemt dan misschien ook ‘de verlichting’, omdat hij of zij ergens gelezen heeft dat dat het juiste antwoord is. Maar eigenlijk staat juist die persoon het meest van zichzelf af, omdat hij alleen maar een idee naar voren schuift dat uit het denken voortkomt. Alle andere verlangens hebben weinig met het denken te maken, want de meest wezenlijke kwaliteiten van het Zijn zijn ongrijpbaar, tijdloos, niet-concreet en niet in denkbeelden te vatten. En bovendien zijn het gevoelens die lichamelijk ervaren worden. Kun je jezelf vrij denken? Nee! Vrijheid is een lichamelijk gevoel, en hetzelfde geldt voor liefde, intimiteit, onbezorgdheid en jezelf zijn. (...)
Het vreselijke geheim van de mensheid Adyashanti ‘Iemand zei: “Jij geeft satsang.” En ik vroeg: “Wat is satsang?” En hij zei: “Nou, wat jij doet.” En zo ontdekte ik wat satsang is: verbondenheid met de Waarheid. Het is een omschrijving die me wel bevalt, omdat het samenvat wat realisatie en verlichting inhouden. Het is verbondenheid met de Waarheid - punt. De waarheid die is. Die nu is. Niet de waarheid van je bestaan die er morgen zou kunnen zijn, als je spiritueel eindelijk snapt waar je mee bezig bent, of als je je meditatieve technieken eindelijk beheerst, of als je in diepe slaap je mantra eindeloos kunt opzeggen.’ (Lacht.) ‘Al deze oefeningen kunnen voor sommigen nuttig zijn en voor anderen minder nuttig, maar de Waarheid is dat wat er nu is. Dat wat er altijd is, eeuwig aanwezig. En eeuwig wil zeggen dat ze hier en nu net zo goed aanwezig is als in ieder ander moment. Misschien had je vijf jaar geleden een prachtige spirituele ervaring tijdens het mediteren en is dit moment veel banaler, maar de Waarheid is altijd aanwezig. Even aanwezig tijdens de hoogste spirituele extase als tijdens de meest ellendige depressie. (...)
Hechten/onthechten Mieke Berger Het thema onthechten spreekt ons vooral aan omdat we al dan niet bewust weten dat hechten de oorzaak van lijden is. Immers alles waar we ons aan gehecht weten, zullen we een keer verliezen. Of het nu je relatie is met je partner of je kinderen, gezondheid, roem, rijkdom, comfort, overtuigingen en opinies, op een dag komt er een eind aan. Dat is verlies en elk verlies is pijnlijk en wordt dus als een probleem ervaren. Het is niet verwonderlijk dat onze geconditioneerde mind, ofwel het ‘ik’, op zoek gaat naar oplossingen voor dat probleem. Zo is het ‘ik’ tenslotte gebouwd. Een voor de hand liggende oplossing is streven naar onthechting. Waar je niet aan gehecht bent, levert je immers ook geen pijn op als je het kwijtraakt. Dat soort onthechting levert echter een paar andere problemen op. Allereerst is het verlies van iets waar je aan gehecht bent niet minder pijnlijk wanneer dat verlies ontstaat door een opzettelijke inspanning dan wanneer dat ontstaat door de ‘slagen van het lot’. We schieten daar dus niet zoveel mee op. En verder ligt het gevaar op de loer dat we ons gaan hechten aan het ‘onthechten’. We zoeken compensatie voor het pijnlijke verlies door een aan de materie ‘onthechte’ staat te verheerlijken en daar voor onszelf iets begeerlijks uit te putten, namelijk het zelfvoldane gevoel verheven te zijn boven hen die de genoegens van hun zintuigen najagen. Spiritueel inkomen zou je dat kunnen noemen. De valkuil is evident: we gaan ons hechten aan ‘onthechten’. De hond hapt in zijn eigen staart. We zijn nog niet veel opgeschoten. (...)
Eenheidsfilosofie Jan Kersschot Laten we starten net na de geboorte. Als pasgeborene hebben we nog niet het gevoel een afgescheiden persoon te zijn. We zijn nog niet geconditioneerd door de opvoeding die we van onze ouders en de maatschappij gaan krijgen. We stellen onszelf nog geen vragen en we zijn nog als het ware zuiver. Er is enkel open aandacht, zonder meer. Alles wat er verschijnt in ons bewustzijn wordt nog niet benoemd of in een bepaald denkkader geplaatst. Alles is zoals het is, zonder inmenging van het denken. Wat betekent dat? Het houdt in dat er 'gezien wordt' zonder te sturen, zonder te oordelen, zonder verwachtingen. Er is nog geen 'ik' dat de centrale rol opeist in de film. Er is nog geen stem die overal commentaar op geeft. Er is een louter getuige zijn zonder denken in termen van ik en de anderen, zonder gebeurtenissen te plaatsen op een tijdas met een verleden en een toekomst. We voelen ons nog niet opgesloten in een lichaam. Er is nog geen geloof een persoon te zijn. Er is nog geen ego aanwezig dat denkt te moeten voldoen aan een bepaald verwachtingspatroon. Alles komt en gaat, zonder dat er een ‘ik’ aan te pas komt dat probeert alles te beoordelen, te sturen of te bewerken. Als pasgeborene is onze computer nog niet volgestouwd met allerlei programma’s. Er is alleen maar neutraal gewaarworden van wat er verschijnt. Er zijn nog geen hiërarchieën. Er worden nog geen oordelen gevormd. Er is alleen maar zuiver zijn. (...)
|
‘Dat ben Jij’: Wat is Dat? Douwe Tiemersma In de benadering van non-dualiteit is meestal het zelf-zijn uitgangspunt en toegangsweg. Dan is vaak het grote bewust-zijn het eindpunt. Bij veel advaita-leraren is dat te vinden. Voordat de laatste identificatie met ik-ben kan oplossen, zal ook het absolute andere zich moeten manifesteren en de non-dualiteit daarmee moeten dóórbreken. Voor de realisatie van ‘Dat ben Jij’ en van ‘Ik ben Dat’ zal er een definitieve overgave moeten plaatsvinden. In onze geseculariseerde wereld is het vaak niet duidelijk welke ervaring met Dat heeft te maken. Hierover gaat de onderstaande tekst, uit een inleiding en gesprek op 6 december 2006 te Gouda. De belangrijkste uitspraken (mahâvâkya) in de oude Upanishaden gaan over de identiteit van het zelf-zijn en de wereldgrond, van Âtman en Brahman. Zo is er het bekende ‘Dat ben Jij’ in de Chândogya Upanishad. De titel van het boek met gesprekken van Nisargadatta Maharaj I am That duidt op hetzelfde. Het inzicht in 'Dat ben jij' heeft dus niet alleen te maken met 'jij', met zelf-zijn, maar ook met 'Dat'. De realisatie dat Zelf en Dat identiek zijn vraagt niet alleen een duidelijke zijnservaring van het Zelf, maar ook van Dat. Als deze er niet is, blijft de realisatie op betrekkelijk niveau steken. (...)
Leren door het ego heen te kijken Interview met A.H. Almaas U werkt met groepen, binnen het kader van de ‘Diamond Approach’. Wat is de kern van die benadering? Het is een benadering die gericht is op spirituele transformatie. Wat er bijzonder aan is, is dat het taalgebruik westers georiënteerd is en dat de westerse psychologie erin geïntegreerd is. Andere benaderingen maken voornamelijk gebruik van manieren van verwoorden die al erg oud zijn, van de wijsheid zoals die van oudsher uit het Oosten geïmporteerd is. Wij maken daarentegen gebruik van hedendaagse psychologische inzichten. Is het doel van de hedendaagse psychologie juist niet om het ego te versterken? We maken gebruik van de psychologie, maar ons doel is niet hetzelfde. We maken er slechts gebruik van om het ego te kunnen begrijpen. De psychologie heeft namelijk een heel bruikbaar inzicht in het ego: in hoe het zich ontwikkelt, waar het uit bestaat. Als je eenmaal begrijpt wat het ego is, bestaat de kans dat het wat lichter wordt, transparanter, en dat je zo een beter zicht krijgt op de spirituele realiteit. (...)
Ik ben dronken van liefde Dr. Azmayesh Soefisme is de weg van het hoofd naar het hart. Het is de reis van je vervreemde zelf naar je wezenlijke zelf. Deze reis wordt het pad van de ‘substantiële ontwikkeling’ genoemd. Wanneer je jezelf kent, ken je God. Op het pad van substantiële ontwikkeling duik je diep in de oceaan van je wezen om op de bodem een parel te vinden. Wij, menselijke wezens, zijn in werkelijkheid veel meer dan we denken te zijn. We vereenzelvigen ons voortdurend met ons fysieke lichaam, dat op een dag geboren is uit een vader en een moeder en dat op een dag weer zal sterven. Het fysieke lichaam komt in contact met zijn omgeving via de vijf zintuigen, die informatie zenden naar de hersenen. Vervolgens vertalen de hersenen de zintuigimpressies naar de innerlijke logica van het cerebraal systeem en zo ‘geloven’ we die impressies. Wat we begrijpen van de wereld die ons omringt, is niet de uiteindelijke realiteit, maar de interpretatie daarvan door ons cerebraal systeem. We weten al heel lang dat de waarneming van de zintuigen beperkt is. Ultrasone, hoge geluiden kunnen we bijvoorbeeld niet met ons oor waarnemen, maar ze zijn er wel. Met andere woorden, er bestaat een universum in het universum dat we niet kunnen waarnemen. We hebben er simpelweg geen toegang toe. (...) Bij de stamboom van het non-dualisme Philip Renard (Bij de afbeelding: “het non-dualisme door de eeuwen heen”) De hier getoonde stamboom laat een aantal lijnen zien via welke het non-dualisme zich in de loop van de eeuwen heeft ontwikkeld. Er zijn tientallen bevrijdingswegen geweest die non-dualistisch genoemd kunnen worden, maar een drietal blijft wat mij betreft over als ‘essentiële doctrine’ (1): Advaita, Dzogchen en Ch’an (Zen). Deze drie zijn met de volle rode lijn aangegeven. In het kort uitgelegd is de keuze van dit drietal gebaseerd op het bijzondere gegeven dat ze alle drie uiteindelijk zonder methode zijn, en daardoor in diepste zin identiek. In mijn boek Non-dualisme (2), waarvoor ik de stamboom tekende, ga ik verder in op de beweegredenen om tot het hier genoemde drietal te komen. Eigenlijk is er maar één non-dualisme. Non-dualisme, of preciezer gezegd, non-dualiteit, is uiteindelijk de ondergrond van alle religies en bevrijdingswegen, maar enkele wegen zijn hierin wat meer expliciet geweest en hebben zich letterlijk ‘non-dualistisch’ (advaya en advaita, en de equivalenten ervan in het Tibetaans, Chinees enz.) genoemd. Die wegen heb ik op de stamboom bij elkaar willen brengen. De stamboom is bedoeld om in één oogopslag een globaal overzicht te hebben van alle expliciet non-dualistische wegen. (...)
|
|
Rubrieken: - Reeks “Wat is advaita?” : “Naakte aanwezigheid” van david carse - Boeken: bespreking van boeken van Sebastian Painadath (De Geest breekt muren af), Edel Maex (‘Mindfulness’ In de maalstroom van het leven), Gesshin Prabhasa Dharma (Boeddha ben je zelf), Joanika Ring (Bewustzijn, zoek je iets?), Hans Laurentius en Richard van de Waarsenburg (Terwijl de merel zingt) - Mededelingen – Agenda
|
|
|