|
Geluk (Dit is een hoofdstuk uit het boek "Leven vanuit Neutraliteit" dat verschijnt bij de uitgeverij Panta-Rhei) Het woord geluk kan op vele zaken duiden. In het spraakgebruik wil geluk vaak het tegenovergestelde van pech aanduiden. Laten we daar dus maar mee beginnen. Dit soort geluk kan nooit zonder pech. Wil je dus veel geluk hebben, dan moet je ook veel pech hebben. Ogenschijnlijk een paradoxale uitspraak, maar laten we maar eens kijken, wanneer iemand spreekt van geluk. Meestal komt er een dramatisch verhaal, waarin soms zelfs een levensbedreigende situatie wordt beschreven en als de dood nabij is, slaat het grote 'geluk' toe. Het blijft altijd eigenaardig dat we in dat soort van gevallen van geluk spreken. Een voorbeeld? Dit zou zo'n verhaal kunnen zijn: 'Lopend in de Himalaya's gleed ik uit over een steentje en brak mijn been. In de wijde omgeving geen mens te bekennen, die mij kon helpen of hulp zou kunnen gaan inroepen. Na twee dagen, de wanhoop nabij, kwam er een passant. Tot mijn onuitsprekelijk geluk, bleek het een orthopeed uit New-York te zijn, die mij vakbekwaam behandelde, hulp organiseerde en er voor zorgde dat ik een paar uur later per helikopter naar het dichtsbijzijnde hospitaal werd gebracht, waar hij bovendien nog toezag op een adequate behandeling. Wat een geluk heb ik gehad.' Ja, in zekere zin, maar met evenveel recht zou ik mogen stellen dat ik verschrikkelijke pech heb gehad, omdat ik tijdens een leuke vakantie mijn been heb gebroken. Wat een pech! Het probleem met dit soort pech-geluk ketens is dat je feitelijk nooit weet waar de keten begint en waar die eindigt. Het leven van bovenbeschreven wandelaar gaat natuurlijk voort en na het geluk komt ongetwijfeld weer eens pech, waarna er weer sprake zal zijn van enig geluk etc tot aan het einde van het leven. Pas dan kan de balans worden opgemaakt: heb ik nu geluk gehad of pech? En onveranderlijk zal blijken dat elk leven momenten van geluk en momenten van pech kent. Zo wisselen voor- en tegenspoed zich af. Conclusie is in elk geval dat het geluk dat afhankelijk is van pech niet het ware, bestendige geluk kan zijn. Toch is uiteindelijk het streven van mensen, hun acties en handelen erop gericht om bestendig geluk te bereiken. Bestendig geluk kan nooit verkregen worden op basis van verlangen, streven en wensen of willen. Dat al hoort tot het domein van het ego, waarmee we ons geïdentificeerd hebben. Door te denken dat we ons ego zijn, eigenen we ons de zorgen, emoties, opwinding en teleurstelling, pech en geluk van het ego toe. Werkelijk geluk is het wegvallen van zorgen, voorkeuren, afkeren, oordelen, vergelijken. Als die wegvallen, dan wordt het leven zoals zich dat aan ons voor doet in al zijn bonte aspecten aanvaard en is er sprake van overgave. Als we werkelijk vanuit neutraliteit leven dan ontspringt er werkelijk geluk, omdat we nimmer meer ongelukkig kunnen zijn. Hoe kun je ongelukkig zijn als je geen oordeel hebt over wat jou of anderen overkomen, als je het leven aanvaardt zoals het is en als de wens het te veranderen, verbeteren of beïnvloeden uitblijft. Je hebt dan niets te wensen, ongeacht de situatie waarin je verkeert, omdat de diepe overtuiging heeft postgevat dat alles is zoals het moet zijn, dat de wereld perfect is, omdat goed en kwaad relatieve begrippen zijn en omdat alles voortkomt uit één en dezelfde bron, ja één en dezelfde bron is. Er is alleen maar bewustzijn, niets meer en niets minder. Leven vanuit neutraliteit betekent dat de identificatie met het ego is opgehouden te bestaan. Het ego is nog wel werkzaam, maar is niet meer de baas in het bestaan. Het leven wordt spontaan, zonder storende tussenkomst van het ego geleefd. De storingen van het ego, kenmerkend voor de mens die nog niet zijn ware aard heeft gerealiseerd, doen zich altijd voor in de gedaante van wensen, verlangens, vergelijkingen, oordelen, angsten en zorgen. Het bedient zich daarbij van het denken op basis van herinneringen en projecties in de toekomst. Doorlopend genereert het ego gedachten, die ons angstige en miserabele gevoelens geven. "Hoe moeten we nu toch verder, als....... Stel dat......gebeurt, wat dan?" dit zijn typische storingen van het ego, die disfunctioneel zijn. Dat wil niet zeggen dat elke angst disfunctioneel is. Als angst voor direct gevaar aanzet tot adequaat handelen dan is daar niets mis mee. Maar langdurig speculeren over zaken die nog lang niet relevant zijn en wellicht nooit aan de orde komen en die niet aanleiding zijn tot directe actie, maken ons vleugellam en zetten de bijl aan de wortels van het geluk. Een goede manier om de verschillen te zien en een indruk te krijgen van leven vanuit neutraliteit, is te kijken wat er gebeurt tijdens noodsituaties, bijvoorbeeld tijdens de landing van een vliegmachine. Op het moment dat alarmsignalen afgaan, komt de piloot in een verhoogd activatieniveau en wordt superalert. Ook al beseft hij dat de situatie kritiek is lijkt het erop dat de besturing door een ander wordt overgenomen en tot zijn verbazing ziet hij (meestal achteraf tijdens de evaluatie), dat hij een aantal keren adequater en sneller heeft gereageerd dan op basis van het gewone denken mogelijk was geweest. In beslag genomen door de hele situatie, die nog steeds zeer kritiek is, ontbreekt de tijd om zich af te vragen of het wel goed zal aflopen, wat er zal gebeuren als er misschien nog een motor uitvalt etc. Hij overziet alles, anticipeert zeker wel, maar laat zich niet door angst en onheilsgedachten van het pad brengen of verlammen. Zijn houding blijft alert, snel, maar rustig. Er is geen tijd om zichzelf angstig te voelen. Als de landing eenmaal ondanks alle bedreigingen tot een goed einde is gekomen, praat de crew na afloop in de bar een beetje na. Pas dan komt de opwinding, de schrik, de gedachten wat had kunnen gebeuren, hoe ongelooflijk snel en adequaat gereageerd werd ('had ik nooit van mezelf gedacht' kun je hem bijna horen zeggen). Tijdens de landing werd gehandeld vanuit neutraliteit. De dingen werden aanvaard zoals ze waren en er werd zonder oordeel en zonder tussenkomst van het ego gereageerd. Na de landing kwam de babbelbox (ego) weer volop op gang. Iedereen heeft wel zelf zo'n soort ervaring gehad, in het werk of in het verkeer misschien. Het verschil is dat leven vanuit neutraliteit betekent leven in het hier en nu, zonder gedachten vanuit het verleden, zonder storende projecties naar de toekomst. Als je leeft in het hier en nu is er geen ruimte voor angst. Leven vanuit neutraliteit is een vorm van echte meditatie! Denken is gestopt, er is geen 'ik' meer dat handelt, er is slechts waarnemen van de situatie. Werkelijk, bestendig geluk wordt dus gekenmerkt door een uitblijven van opwinding, emoties, exaltatie, denken, oordelen, vergelijken, schaamte, afkeuren, kritiek, uitblijven van de wens de wereld te veranderen. Als dit van toepassing is op iemand, dan zien we feitelijk dat er een situatie van volledige acceptatie en overgave zijn intrede heeft gedaan. Het handelen van zo'n mens wordt onpersoonlijk handelen, als gevolg van het proces van disidentificatie. Het is ook volstrekt logisch omdat door het uitblijven van oordelen er geen ruimte is voor trots, noch schuldgevoel en naar anderen toe geen verwijt, omdat hij beseft dat aan het handelen geen vrije wil ten grondslag ligt en het ego illusoir is. Het gevoel dat er een 'ik' is in hem, dat handelt is verdwenen, hij wordt getuige van zijn en andermans handelingen als neutrale niet erbij betrokken waarnemer. In die zin wordt zijn handelen volstrekt onpersoonlijk. Ook wordt zijn handelen niet gestuurd vanuit de behoefte aan erkenning. Van wie zou hij erkenning moeten krijgen? En wie moet er erkend worden? Leven in de stilte van de neutraliteit is werkelijk geluk. |