Met ogen dicht

Laten we met de ogen gesloten onderzoeken wat het betekent om de Eerste Persoon enkelvoud, tegenwoordige tijd, te zijn.

Overweeg volgende alinea's telkens als je na het lezen even de ogen sluit en bij jezelf nagaat.


Als je afgaat op wat je nu ervaart (en dus niet steunt op je geheugen, of op wat je weet van horen zeggen, of op je verbeelding): hoe groot ben je dan? Welke vorm heb je? Is het niet mogelijk om bijna elke vorm of grootte te hebben?

Heb je grenzen: is er een plaats waar jij eindigt en waar de wereld begint? Of is er niets dat je afscheidt van de wereld?

Wellicht hoor je allerlei geluiden, veraf en dichtbij. Hoor je enig geluid daar waar je bent? Is het niet zo dat de geluiden komen en gaan in de Stilte die je bent?

Ben jij in je centrum een (mentale) geest: een verzameling van gedachten en gevoelens? Wat en waar is deze geest? Komen de gedachten uit die geest of komen ze zo uit het niets? Is je geest ergens gesitueerd, opgesloten in een soort doos (schedel), afgesloten van de wereld, of is hij vrij en verenigd met de wereld?

Wellicht verschijnen er gewaarwordingen van druk, warmte, ongemak, welbehagen, ademhaling, enz.. Sluiten deze gewaarwordingen je op in een centrum dat vast en begrensd is? Of komen ze op in de helderheid van het bewustzijn, net als de gedachten, gevoelens en geluiden? Hoe groot (uitgestrekt) is bv. hoofdpijn? Eén-richtings-aandacht voor de pijn plaatst die pijn in de begrenzing van een hoofd. Twee-richtings-aandacht is bewust van de ruimte waarin de pijn - en het idee van een hoofd - opkomen. Net zoals bij het "gezicht daar t.o.v. geen-gezicht hier" (vorig experiment) zo is het ook "pijn daar, geen pijn hier".


De achtergrond en de 'omvatter' van al de verschillende dingen waarmee je je identificeert is vrij, tijdloos, puur bewustzijn. Alhoewel het geen ding is, is het toch absoluut reëel en altijd tegenwoordig. Het is wat je werkelijk bent.

Andere experimenten en toepassingen

Het kan zijn dat deze experimenten bij jou vragen en twijfel doen ontstaan. Dit kan beantwoord worden door aandacht te geven aan de eigen ervaring, eerder dan door erover te discussiëren of te argumenteren, hoe belangrijk deze laatste methodes van onderzoek ook zijn.

Maar misschien zal je zeggen: "en wat dan nog? - wat kan mij dit onderzoek schelen?" Onze intentie is hier om een fundamentele vraag te stellen en deze te onderzoeken vanuit eerstehands ervaring. Wie zijn wij werkelijk? Als wij het mis voorhebben over wat wij werkelijk zijn, en onszelf beperken tot wat maatschappelijke afspraken ons vertellen, (en daarbij voorbijzien aan onze wezenlijke onmetelijkheid die alles bevat), lopen we het risico om veel te missen: niet alleen de wonderlijke waarheid omtrent onszelf, maar ook een sleutel om goed te leven, een basis voor liefde, een hoop plezier en nog veel meer.

Terug naar de oefeningen